Deventer ‘anders’ rond 1750

Clemenswoensdag 20 april 2016 – Omstreeks 1750 koos Caspar Philips Jacobszoon een vertrouwde positie om Deventer in beeld te brengen: hij vervaardigde halverwege de achttiende eeuw een bijzonder profiel van de stad die zo’n roemrijk verleden had dat het heden er wel bij moest verbleken. Vergane glorie was een aansporing om dat wat voorbij was in woorden en beelden te vangen en een beetje te behouden.

Clemens Hogenstijn wijdde aan het door Philips vereeuwigde Deventer een aantrekkelijk boekje onder de titel Het profiel van Deventer in het midden van de achttiende eeuw, waarin hij de stad, waarvan hij zo langs stadsgeschiedschrijver was, in 1750 bezoekt. Hogenstijn noemt dat jaar zijn ijkpunt. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Naar het beloofde land Dis-Abdera

Nijmeegs katern febr. 2016maandag 18 april 2016 – Jacob Campo Weyerman hield van Breda, de stad die hij liet doorgaan voor zijn geboorteplaats. Een mens moest van zijn geboorteplaats houden, beweerde Weyerman, ‘gelyk als een Kind zyn Ouders behoort te beminnen’. Van zijn ‘Landsluyden’, de Bredanaars, zei hij echter te walgen.

De Bredanaars hadden Breda voor hem tot een hel gemaakt. Als vrijgevochten twintiger was hij meer dan eens met de lokale justitie en de kleinzielige roddel geconfronteerd. Jacob Weyerman verliet de stad als ‘grand seigneur’. Hij verrijkte zijn naam met het tussenvoegsel Campo en noemde Breda voortaan Abdera, naar de Thracische stad die in de ogen van Athene de domheid tot grote hoogten had gebracht. Misschien wist de jonge Weyerman zo rond 1700 niet goed waar hij heen wilde, hij wist (net als eeuwen later Frits van Egters) wel waar hij vandaan wilde. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Machtige pruiken en verglaasde ogen

Delft_-_Stadhuis_naar_ontwerp_van_Hendrick_de_Keyserdinsdag 12 april 2016 – In piepkleine kring heb ik wel eens een opsporingsbericht uit De post naar den Neder-Rhijn uitgezet. Omdat de gezochte nog steeds niet is gevonden probeer ik het eens opnieuw, nu via dit Weyermangremium. Je weet maar nooit.

Schrijver Philippus Verbrugge opent een raillerend redactioneel commentaar in aflevering 76 van circa 23 juli 1783 (de Post naar is ongedateerd) p. 666 op het gerucht dat het garnizoen in Delft zal worden opgeheven aldus: Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Geknetter op Deshima

IMG_0142 kopiemaandag 11 april 2016 – Kisten en kasten van lakwerk, porselein, kimono’s en Japonsche rokken, we kennen ze als de typische Japanse produkten die de VOC importeerde. En we weten veel over het kunstmatige eilandje Deshima waar de twintig tot dertig Nederlanders dicht op elkaar woonden in isolement, wachtend tot er weer eens een schip uit Batavia arriveerde.

Dit alles wordt verteld in De smalle brug, het nieuwe deel in de landenserie die het Rijksmuseum met uitgeverij Vantilt uitgeeft. Aan de hand van voorwerpen en beeldmateriaal uit de collectie vertellen conservatoren de geschiedenis van de relatie met een buiten-Europees land. Ghana, China en Indonesië zijn in deze fraaie serie al aan de beurt geweest en op 29 maart verscheen het Japandeel. In juni is Ceylon aan de beurt. India, Kaap de Goede Hoop en Suriname liggen nog in het verschiet. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Cabaret avant la lettre

rarekiekdonderdag 31 maart 2016 – Werkend aan een artikel over de rarekiektraditie voor de Mededelingen stuitte ik op het lied ‘De Haegse Rariteyt-kas’, opgenomen in het Derde stukje van het Princelyke Oranje hof, cierlyk beplant met Oranje gezangen uit 1749.

In het lied is de vertoner van een rarekiek aan het woord, die vertelt wat er in zijn kast zoal te bewonderen valt. Dat blijken ditmaal beelden van de kermis in Den Haag te zijn – een fraai staaltje Droste-effect, aangezien de rarekiek zelf ook een kermisattractie was in die tijd.

In het typische verfranste Nederlands van de rarekiekman lezen we wat de Haagse kermis anno 1749 te bieden had. Het eerste beeld blijkt meteen te prikkelen: Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

In de wolken

Collectie Lakenhal Leiden, thans te zien in het Dordrechts Museum

Collectie Lakenhal Leiden, thans te zien in het Dordrechts Museum

woensdag 30 maart 2016 – Jan Karel Osy was een puissant rijke koopman uit Rotterdam. Hij was van katholieke huize, had belangstelling voor de wetenschap en hield van tuinieren. Hij hield er althans een Chinese tuin en broeikassen met perziken, meloenen en druiven op na. Sinds 1750 was hij tevens heer van Zegwaard en Palenstein: voor kenners van Zoetermeer bekende namen.

Dankzij zijn vrijgevigheid kon in zijn feitelijke woonplaats Rotterdam de Sint Rosalia-kerk worden gebouwd (1777). Het barokke bouwwerk, naar voorbeeld van de hofkapel van Versailles, muntte uit in schoonheid. Dat was wellicht de reden dat keizer Josef II er in 1781 – incognito – een bezoek aan bracht, al zal de hoeveelheid leningen die Oostenrijk bij Osy had uitstaan, ook een rol hebben gespeeld. De keizer bracht toen eveneens een bezoekje aan het kleine Zegwaard, waar in huize Palenstein werd geluncht. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Het imaginaire ‘Eiland Onbekendt’ van de Jordanees Jacobus Rosseau

Rosseaudinsdag 29 maart 2016 – Een van de merkwaardigste schrijvers uit de eerste helft van de achttiende eeuw is de Amsterdammer Jacobus Rosseau. Zijn merkwaardigheid houdt gelijke tred met zijn onbekendheid.

In de in 2002 door Gerrit Komrij bezorgde bloemlezing De drekpoëten is één gedichtje van Rosseau opgenomen en in de inhoudsopgave wordt bij zijn levensjaren veelzeggend ‘[?-?]’ genoteerd. In het Amsterdams stadsarchief wemelt het van de ‘Rosseau’s’ en dan heb ik de verhaspelingen van zijn naam nog genegeerd, maar wie onze Jacobus is?

Hij maakt deel uit van een burleske traditie in de Nederlandse literatuur. Focquenbroch, Van Rusting, Pook, Goeree en Rosseau zijn de namen van de burleske school. Een aantal jaren deed ook Langendijk mee, totdat de ernst hem riep. Alleen al het grote aantal herdrukken dat bijvoorbeeld het werk van Van Rusting bereikte, maakt duidelijk dat dit meer is dan een ‘onderstroom’. Die veel bredere stroom trok onder meer door de Jordaan, waar Rosseau woonde en werkte. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Simon Tyssot de Patot in IJsselstein

Tissotmaandag 28 maart 2016 – Jaques Massé trok in de laatste jaren van de zeventiende eeuw de wereld door. Op zoek naar avontuur en inzicht. Massé was een zo geloofwaardig personage dat heel wat lezers meenden dat Voyages & Avantures de Jaques Massé, zonder naam van de auteur, met een vals jaartal van verschijnen (1710 in plaats van 1714), geschreven moest zijn door Massé zelf. Voltaire, toch geen domoor, doorzag de mystificatie niet.

Voyages et Avantures was geschreven in Deventer, door Simon Tyssot de Patot, die als hoogleraar mathematiek verbonden was aan het lokale Atheneaum. Maar dat hij en niet Massé de auteur was, bleef een decennia lang goed bewaard geheim. Dat was ook beter, voor bijna alle partijen. Het boek van Tyssot de Patot is een ontregelend reisverhaal, waarin de verbeelding de reizigers naar ideale oorden leidt maar ook kennis laat maken met de verschrikkingen van Goa, waar de inquisitie en de duisternis heersen. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Twee alba amicorum

album amicorummaandag 21 maart 2016 – ‘Träumen muss der Mensch, nicht dencken und philosophiren, wenn er glücklich seyn will’.

Deze wijze woorden schreef een een zekere Ludwig Wachter uit Gotha op 16 maart 1788 in het album amicorum van Michael Derk van den Burgh. Dit album is een van de twee die de Vrienden van de Bijzondere Collecties (BC) van de Universiteit van Amsterdam op 15 maart aan de BC aanboden. Dit ter gelegenheid van het afscheid van twee bestuursleden, Nel Klaversma en Just Enschedé.

Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De Hangend Haar-Tour

Hangend haardonderdag 17 maart 2016 – Terwijl Nederland zijn Wilhelmina-met-hangend-haar heeft, hebben de Amerikanen hun Liberty-met-hangend-haar. Die stond afgebeeld op de eerste (zilveren) dollar die ooit geslagen is: in 1794.

Na de oprichting van de VS in 1776 waren er verschillende muntsoorten in gebruik. De peso had – bij gebrek aan Britse ponden – de status van een dollar (hij werd ook zo genoemd). In 1792 werd de dollar de officiële rekenheid voor de 15 staten die het land toen kende. En op 15 oktober 1794 was de nieuwe nationale munt een feit. Die dag werden er bij de Munt in Philadelphia 1758 stuks geslagen. Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen