Vrijheid, gelijkheid, broederschap

spotprent gelijkheid broederschapzaterdag 10 januari 2015 – In de koude decembermaand van 1794 was de Franse generaal Pichegru met zijn troepen ons land in getrokken om de patriotten hulp te bieden. Met succes, want op 18 januari 1795, dit jaar 220 jaar geleden, vluchtte stadhouder Willem V naar Engeland. Revolutionaire comités namen het bestuur van stad en land over. Vanaf dat moment was ook hier het devies: vrijheid, gelijkheid en broederschap.

Ook in de media zie je de leus opduiken. Bijvoorbeeld in het Leidse weekblad De Bataaf, dat al vanaf begin februari 1795 verschenen moet zijn. Het periodiek voert als ondertitel Vrijheid, gelijkheid en broederschap en vanaf  nr. 13 Vrijheid, gelijkheid en broederschap, of de dood! Dat de patriotse schrijver een veel mindere extremistische toon aanslaat dan die titel doet vermoeden, doet er nu even niet toe. Hij is jubilant over de dagende zon der vrijheid, maar wordt in zijn langdradige beschouwingen zelden concreet. Behalve wanneer hij toornt over de machinaties van ‘de zwarte mantels’ die de wijkvergaderingen bewerken in een poging de joden géen stemrecht te geven.

In het sterk gepolariseerde Nederland moesten de orangisten van weleer niets hebben van de revolutionaire wind die vanuit Frankrijk waaide. Vrijheid, gelijkheid, broederschap? Wat een geklets. Dit paste niet in hun ideologie. Idioot natuurlijk dat burgers elkaar moesten aanspreken met het neutrale ‘burger’ of ‘burgeres’, om de onderlinge gelijkheid te benadrukken.

De spotprent hierboven uit 1795 laat zien dat men een hard hoofd had in de haalbaarheid van de revolutionaire idealen. Hoe krijg je alle groeperingen in de samenleving, elk met hun eigen belangen, als broeders bijeen? Links zie je een boos kijkende (orangistische) boer met een bijl. In het midden kijkt een republikeinse soldaat ons grijnzend aan, met boven zijn hoofd een eikenkrans. Rechts is een somber kijkende burgemeester of predikant met pruik te zien: een vertegenwoordiger van de oude regentenklasse.

De prent wordt toegeschreven aan de Amsterdamse landschapsschilder Hermanus Fock (1766-1822), die waarschijnlijk in Felix Meritis de tekenkunst machtig is geworden. Hij is één van de oprichters van het tekengenootschap Kunst zij ons doel (1801), te Amsterdam.— RvV

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

3 reacties op Vrijheid, gelijkheid, broederschap

  1. Rietje van Vliet schreef:

    Het Rijksmuseum suggereerde ook al dat het een scheepstimmerman was. Ik denk dat je gelijk hebt: de man ziet er ook niet uit als een boer.

  2. Harry Perton schreef:

    Overigens pasticheerden orangisten in Groningerland de Bataafse leuze wel tot: Vrijheid, Gelijkheid, Broodgebrek.

  3. Harry Perton schreef:

    De boer is mijns inziens een ‘bijltje’, oftewel een scheepstimmerman. In Amsterdam stonden de bijltjes bekend om hun fanatieke orangisme, ze hebben er af en toe gruwelijk huisgehouden (bijv. in 1787/1788 na de Pruisische interventie), waaraan we ons woord ‘bijltjesdag’ te danken hebben.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *