Kant in Duisburg

DSCF2493 kopiezondag 1 mei 2016 – Een paar weken geleden stond ik in Duisburg oog in oog met de kop van Kant. Op een paar meter afstand was er het hoofd van Herder. Wat moesten beide hoofden in de ontvangsthal van het Landfermann Gymnasium in de binnenstad van Duisburg?

Met leerlingen van 3 Atheneum van onze school waren wij te gast in Duisburg, bij de beminnelijke en ‘witzige’ collega’s van net over de grens. We waren nog niet uitgestapt of een hip heerschap in een renaissancistische outfit heette ons welkom: hij was Gerard Mercator, zie-i-zelf, en hij sprak Duits. Mercator, de cartograaf, was een zoon van Duisburg en een oud-leerling van de school en hij leidde ons naar de nieuwe schoolgebouwen.

DSCF2494 kopieDat van die nieuwe schoolgebouwen is een charmante leugen. De onderwijsvoorzieningen in Duisburg maakten een afgetrapte indruk. De ene les waar ik te gast was, was een les geschiedenis, waarin het belang van het Wener Congres voor Duitsland centraal stond. Een wat oudere docent, die af en toe wat kreunend naar het bord ging om een paar dingen (met krijt) te noteren, en zéér belangstellende leerlingen. Geen spoor van het Nederlands ‘wat heb ik hier nu weer aan en waarom moet ik dit weten?’ Opmerkelijk ook het onversneden Duitse karakter van het geschiedenisonderricht.

De Duisburgse collega’s waren op wandeling zeer onderhoudend: alle door hen getoonde bezienswaardigheden van hun stad gingen vergezeld van schandaalgeschiedenissen, die zij met veel smaak en understatement opdisten. Bij de lunch hadden enkele Duitse collega’s een slappe lach die me jaloers maakte, omdat ik maar de helft (naar boven afgrond) van de aanleiding begreep. Is humor vertaalbaar? Het ontging ons niet dat onze collega’s bezocht werden door een fijnzinnige humor, die al die geestige vaderlanders die menen dat Duitsers geen gevoel voor humor hebben nimmer bereiken zullen.

De ontvangst in Duisburg bestond uit een uurtje met toespraken, bijna alle overbodig. Iets van de ‘Schwerfälligkeit’ van onze oosterburen deed zich hier gevoelen. Als onze Duisburgers in Nederland ontvangen worden, weet niemand hoe het hoort, dat is dan de keerzijde.

Waar blijft Kant? In de hal, waar twee jonge leerlingen met een plastic balletje in de weer waren (en niemand zei er wat van) stonden de bustes van Herder en Kant. Oud-leerlingen? Oud-docenten? Noch het een, noch het ander. Stoerdoenerij dan?

Nee, in 1955 heeft de school in Duisburg zich opgeworpen als erfgenaam van het ‘Collegium Fridericianum’ uit Koningsbergen, de befaamde school van Kant (als leerling) en Herder (als docent) die in de oorlog vernietigd werd. Het Landfermann Gymnasium deelde met de school uit Koningsbergen het motto ‘pietas’ (‘verpflichtende Liebe’) en in 1973 en 1975 werd de hal van de school uit Duisburg verrijkt met de koppen van Kant en Herder, het werk van beeldhouwer Georg Fuhg. In twee hoofden wordt de herinnering aan de school die er niet meer is en aan de voorbije wereld vastgelegd. Die hoofden verraden niet alleen gevoel voor traditie, maar dragen ook een opdracht met zich mee. Kant en Herder ‘schauen mit’!— PA

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *