Eerherstel voor het Panpoëticon

Portret van Arnoud van Halen (1673-1732), door Christoffel Lubieniecki, 1725. Poesjkinmuseum, Moskou.

Portret van Arnoud van Halen (1673-1732), door Christoffel Lubieniecki, 1725. Poesjkinmuseum, Moskou.

woensdag 2 november 2016 – Na ruim honderdvijftig jaar in het verdomhoekje van de geschiedenis te hebben verkeerd, is het Panpoëticon Batavûm terug in de belangstelling. Onlangs verscheen in de nieuwe reeks Rijksmuseum Studies in History een mooie publicatie over ‘het Pan’, van de hand van de Nijmeegse historisch-letterkundige Lieke van Deinsen. Zij is tevens de initiator van de website www.schrijverskabinet.nl, waarop de dichters uit het Pan online aan het publiek worden gepresenteerd.

Zowel het boek als de website stemmen de Nederlandse achttiende-eeuwliefhebber tot vreugde. Opnieuw is een stuk onterecht vergeten literatuur- en cultuurgeschiedenis aan de oppervlakte gebracht, op aantrekkelijke wijze en met slim gebruik van de mogelijkheden die digitalisering biedt.

Het Panpoëticon Batavûm (‘Alle Nederlandse dichters’) was een houten kabinet, gevuld met kleine, ovaalvormige schilderprentjes van Nederlandse dichters. De oprichter ervan van was de welvarende Amsterdamse amateurschilder Arnoud van Halen. Hij schilderde zelf de portretten, zo’n tweehonderd in totaal. Het kabinet was te bezichtigen bij Van Halen thuis.

Het Pan is bijzonder omdat het een van de vroegste vormen van Nederlandse canonvorming behelst. Het ontstond niet toevallig in de vroege achttiende eeuw, een periode waarin de Republiek zich in toenemende mate zorgen maakte over haar status op het wereldtoneel. Van Halens kabinet representeert dan ook vooraleerst een groots literair verleden, waaraan de tijdgenoot zich kon spiegelen.

Juist hierom is het Pan ook interessant voor de huidige tijd. De diverse canoninitiatieven die in de afgelopen vijftien jaar in ons land de revue gepasseerd zijn, lijken vaak evenzeer een uiting van zorg of onzekerheid over de nationale identiteit, of worden althans door de politiek in die termen gevat.

Het mooie van het boek en de website is dat die aan het hedendaagse publiek laten zien hoe oud de canondiscussie al is, en hoe veranderlijk de canon zelf. Van Halens collectie werd na zijn dood diverse malen uitgebreid, waarbij vooral dichters uit de eigen tijd werden toegevoegd. Tot begin negentiende eeuw vonden dergelijke aanvullingen plaats. Zodoende vindt men er naast usual suspects als Vondel en Hooft ook inmiddels totaal vergeten namen als Pieter Leuter en Laurentius Steversloot. En het Pan bevat ook een aantal vrouwelijke dichters, tekenend voor de emancipatie van het vrouwelijk auteurschap in de achttiende eeuw.

Het boek bevat enkele fraaie computervisualisaties van het oorspronkelijke kabinet, dat helaas verloren is gegaan. Het raakte zwaar beschadigd bij de Leidse buskruitramp van 1807 en werd vervolgens midden negentiende eeuw in delen doorverkocht door een kunsthandelaar met meer hebzucht dan historisch besef.  Die visualisaties zijn van de – vaardige – hand van Timothy De Paepe (zie tevens https://3dtheater.wordpress.com/).

De website wordt beheerd door Lieke van Deinsen en Ton van Strien. Samen vonden zij een rijke schare neerlandici bereid om korte geschreven portretten van de dichters uit het Pan aan te leveren. Die collectie is bij lange na nog niet compleet, dus wie nog een dichter wil ‘adopteren’ is van harte welkom.

De boekpublicatie is mooi uitgegeven en bevat vele kleurenillustraties. Persoonlijk vind ik het jammer dat de voertaal het Engels is. Ik snap die overweging vanuit het perspectief van het Rijksmuseum, dat een internationaal opererende organisatie is, die het Nederlandse culturele erfgoed voor een wereldwijd publiek wil ontsluiten, maar de geschiedenis van het Pan lijkt me toch in de eerste plaats voor Nederlanders relevant (die er bovendien nog niets van afweten).

Gelukkig wordt binnenkort ook het (Nederlandstalige) proefschrift van Van Deinsen verwacht, dat geheel gaat over Nederlandse canonvorming in de vroege achttiende eeuw, en waarin het Pan uiteraard ook een prominente rol speelt. – Ivo Nieuwenhuis

¶ Lieke van Deinsen, The Panpoëticon Batavûm. The Portrait of the Author as a Celebrity. Amsterdam: Rijksmuseum, 2016. Reeks Rijksmuseum Studies in History, vol. 1.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

6 reacties op Eerherstel voor het Panpoëticon

  1. Jac Fuchs schreef:

    Peter,

    Je hebt een lijntje met God, ik weet het nu zeker!
    Het pakje met het boek dat het Rijksmuseum mij zou sturen is vandaag aangekomen, én het boek is nu in de webshop van het Rijks opgenomen (zij niet onder de auteursnaam, maar alleen met de titel: zoek dus op Panpoëticon).
    En de bespreking van Ivo slaat de spijker op de kop, het is een mooie studie, zowel qua uitvoering als qua inhoud. Te laat om als Sinterklaascadeau te fungeren, maar zeker ook goed als Kerstgeschenk.

  2. Peter Altena schreef:

    Als ik binnenkort weer eens een kerk bezoek, zal ik een kaarsje laten branden voor het roomse Rijksmuseum, misschien dat God de Heer zijn museale dienaren wil bezielen met de geest van dienstbaarheid. Nu snap ik ook waarom het boek van Lieke nog niet in de bestseller top 10 is terecht gekomen. Of wil de directeur gewoon alle exemplaren van het boek lekker zelf houden?

  3. Jac Fuchs schreef:

    Het boek lijkt nog steeds niet te koop te zijn.
    Omdat ik het boek gewoon als belangstellende wil kopen heb ik twee weken geleden bij het Rijksmuseum aangeklopt. Op 22 november liet een medewerker van het Rijksmuseum me weten dat het boek binnen een week in de webshop zou worden opgenomen, en dat het exemplaar dat ik wilde kopen zou worden opgestuurd. Nu, 12 dagen later, staat het nog steeds niet op de webshop, en heb ik nog steeds geen exemplaar in huis.
    Ik vraag me nu ernstig af of het Rijksmuseum deze loodzware klus nog vóór volgend jaar gaat klaren.

  4. Ivo Nieuwenhuis schreef:

    Erg spijtig om te horen dat je nu al tweemaal bot hebt moeten vangen, Jac. Schandalig ook wel. Uit betrouwbare bron weet ik dat de auteur zelf je graag een exemplaar toestuurt op verzoek. Haar mailadres is L.vanDeinsen@let.ru.nl.

  5. Jac Fuchs schreef:

    Belangstellenden, ga voorlopig nog maar niet naar het Rijksmuseum. Gisteren (zaterdag 19 november) heb ik het weer geprobeerd bij de winkel onderin het Rijksmuseum, en toen bleek dat op de interne mail van 5 november over het boek nog niet gereageerd was. Volgens de medewerker in de boekwinkel is het boek ook nog steeds niet in de webshop van het museum opgenomen.
    De PR-afdeling van het Rijksmuseum weet kennelijk niet te communiceren als de naam van Rembrandt er niet direct bij gebruikt kan worden.

  6. Jac Fuchs schreef:

    De enthousiaste berichten over dit boek en het interessante onderwerp brachten me ertoe gisteren (zaterdag 5 november) een bezoek aan de winkel in het Rijksmuseum te brengen, in de hoop dat ik er een exemplaar aan zou kunnen schaffen, maar – schande! – in de Rijksmuseumwinkel hadden ze nog nooit van deze publicatie gehoord. Een intern telefoontje bevestigde wel dat het boek bestaat, maar het op de hoogte stellen van je eigen verkoopkanaal schijnt er geen vanzelfsprekendheid te zijn.
    Ik ga het over een week of twee nog maar eens proberen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *