Karel Bostoen

zaterdag 17 december 2016 – Op donderdag 15 december overleed Karel Bostoen (1943-2016). Al enige maanden leed hij aan een ziekte die hem nog wel enige tijd, maar weinig hoop bood.

Karel Bostoen was een hartelijke man, die in diverse rijken woonde. Zijn eerste wereld lag in Roeselare, in West-Vlaanderen, waar hij opgroeide als nakomeling, met vooral veel broers. Die broers bleven present in de gesprekken met Karel; de broers bleven aanwezig in het leven van Karel, waar hij ook woonde. De tijd die hij nog niet eens zo lang geleden in Brugge doorbracht, om zijn onderzoek naar Broer Cornelis te voltooien, bracht hem in sterkere nabijheid van zijn broers. Karel verroeselaarde in die tijd weer.

Van Roeselare vertrok hij naar Amsterdam, waar hij in de roerige jaren Nederlands studeerde. In die tweede wereld specialiseerde hij zich in de Nederlandse literatuur van de vroege Renaissance. Dat tijdvak vond in hem een nauwkeurige en kritische onderzoeker. De Amsterdamse ervaringen, met anarchie, mensen en horeca, zongen steeds mee in latere jaren. Na zijn studie verbleef hij enkele jaren in Londen, om er Nederlands te doceren en onderzoek te doen. Daar maakte hij kennis met de internationale neerlandistiek. In zijn werkzame leven bleef hij een pleitbezorger en burger van de neerlandistiek ‘extra muros’, zijn derde wereld. Karel vloog van universiteit naar universiteit, van Polen naar Zuid-Afrika, overal thuis.

Zijn vierde wereld was Leiden, de wereld die hem het meeste geluk bracht en hem het langste al inwoner kende. Hij woonde er met Nel en ‘de jongens’, stond in de keuken als een heerser en genoot als iedereen smulde van wat hij had bereid. Voor veel Leidse neerlandici was Karel hun universiteit: hij schoolde zijn studenten in kritische zin, in bronnenonderzoek en in ‘goed schrijven’.

In 1987 promoveerde Karel op Dichterschap en Koopmanschap, een studie over de dichters Guillaume de Poetou en Jan vander Noot. Het is een indrukwekkend boek, waarin een nieuw beeld van de ontwikkeling van de Nederlandse Renaissanceliteratuur werd geschetst. Het is het eerste hoofdstuk van zijn dissertatie waarin Karel dat nieuwe beeld weergaf. Niemand was zo goed thuis in de vroege Renaissance in Brussel en Antwerpen als Karel. De meeste Hollandse renaissancisten gingen echter voort met hun Hooft en Vondel en gaven zich onvoldoende rekenschap van de beginjaren van de nieuwe tijd.

De geschiedenis van de vroege Renaissance volgde Karel met de bestudering van het werk van Jan van Hout. Karel stimuleerde de bestudering van het leven en de geschriften van deze Leidse stadssecretaris. Er kwamen tekstuitgaven.

Het aantal Leidse studenten dat door Karel onderwezen is in de letteren en meer dan eens ook in het leven, is legio. Karel koesterde het gezelschap van (oud-)studenten: in de vereniging Proteus, in de Stichting Jacob Campo Weyerman, in de Stichting Focquenbroch. In die geleerde gezelligheid was Karel altijd een centrale figuur, hij was bedachtzaam, overdacht kwesties terwijl hij zijn pijp rookte, maar was nimmer luidruchtig.

De gezellige Karel had ook altijd gezelschap van de melancholische Karel. De man met de zware tas, in de brandende zon. Hij zocht graag de afzondering, de marge. In de Buitenruststraat was Karel echtgenoot en vader en trotse grootvader; hij was er zichtbaar in zijn schik. En altijd ook weer zocht Karel de weemoed, de teleurstelling ook, en met bier en vrienden wisselde hij het bijna proestend lachen af met milde zwaartillendheid.

De Stichting Jacob Campo Weyerman verliest een trouwe vriend, een geweldig onderzoeker, een pleitbezorger van de satire en een goed mens. Nel, ‘de jongens’ Tijmen en Steven, en alle andere familieleden en vrienden wensen we veel sterkte. – Peter Altena

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

9 reacties op Karel Bostoen

  1. Yolanda Rodríguez Pérez schreef:

    Hele mooie in memoriam. Ik hoorde onlangs van Anton van der Lem dat Karel tot mijn grote verbazing heel ziek was. We hadden in juni heerlijk zitten praten bij de borrel na het Gouden Eeuw colloquium. Zoals altijd had hij interessante suggesties en ideeën over het huidige onderzoek van een heleboel mensen. En genot om hem bij te praten. We zullen je missen, Karel.

  2. Noël Geirnaert schreef:

    Een heel mooi In Memoriam: Karel zoals ik hem heb ontmoet bij verschillende gelegenheden in Brugge, een tekst ook waardoor ik hem weer voor de geest kan halen en waardoor ik hem ook beter leer kennen. Hartelijk dank.

  3. Ludo Beheydt schreef:

    Het is schokkend om een gewaardeerd collega zo onverwacht te moeten missen. Als West-Vlaming uit het aan Roeselare naburige Izegem kon ik het bijzonder goed met Karel stellen. Hij heeft mij op zijn eigen, ontspannen manier mee wegwijs gemaakt in de Leidse mores toen ik als collega op Dutch Studies kwam en hij heeft mij zelfs geestig onderhouden over mijn renaissancistische naamgenoot. Wij deelden die lichte neiging tot het Bourgondische.

  4. Lia van Gemert schreef:

    Vaarwel, dierbare compagnon – wat hebben we genoeglijk gezwoegd op die mooie teksten. Zonder jou was ‘Wilhelmus en de anderen’ er niet gekomen en ‘Verhalen over verre landen’ evenmin – je brak er de staf over minder bekende literatuur en ging steeds de canon voorbij.

  5. Philippus Breuker schreef:

    In ûnferjitlike freon, die naast zoveel andere talen ook Fries leerde. Dank voor het mooie In memoriam

  6. Natalie Kool schreef:

    Prachtig en puntig in memoriam, Natalie Kool, Leiden 1982-1987

  7. Jan Lampo schreef:

    Mooi stuk. Meer dan twintig jaar geleden mocht ik Karel interviewen in Leiden. Over Jan van der Noot, die mij sindsdien zeer dierbaar is gebleven. Het was een fijn en leerrijk gesprek. Ik heb met veel plezier en zeer geboeid “Dichterschap en Koopmanschap” gelezen en blijf het een voortreffelijk boek vinden, dat heel veel over de renaissance, niet alleen in de letteren, vertelt. Karel is er helaas niet meer, maar de herinnering blijft, zoals ze er de voorbije twee decennia altijd weer was, iedere keer als ik me boog over het Antwerpen van de 16de eeuw.

  8. Susanne Gabriëls schreef:

    Het nieuws van Karels overlijden schokte me hevig. Ik had hem nog zo wat goede tijd gegund. Karel heeft me indertijd overgehaald om bij hem op Jan van Hout af te studeren. Ik werd assistent bij hem en ging mee naar Florence, waar ik zijn gigantische tas mocht dragen- gevuld met pijp en tabak. Hij nam me mee naar een bijeenkomst van de Stichting, waar hij me ijverig en met succes aan Peter Altena koppelde. Uiteraard was hij getuige bij ons huwelijk. Voor onze kinderen was hij een lieve oom,. Ze noemden hem Bostoene Karel. Ik zal Karel hevig missen, ik hield veel van hem.

  9. Hans Verstraate schreef:

    Van harte dank voor dit hem recht doende in memoriam

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *