Voetnoot 18

De dood van een held

John Churchill, Hertog van Marlborough. Gravure Pieter Tanjé (1722)

donderdag 6 juli 2017 – Nummer 44 van deel I van de Amsterdamsche Hermes (28 juli 1722) staat bomvol Engelse verwijzingen. Ik behandel er nu twee, maar ben van plan in komende voetnoten op deze aflevering terug te komen.

Weyerman opent het nummer diep in gedachten, maar wordt gestoord door de Demon, die hem een ‘Paket Engelsse Brieven’ brengt, met een droeve tijding: O! myn waarde Censor, de grootste der Britten is gestorven!’ Vervolgens geeft Weyerman twee pagina’s sfeerbeeld met ook een terugblik op de Spaanse Successieoorlog. Pas daarna noemt hij deze grootste der Britten bij naam. Citaat:

De groote Churchil, de ontzaggelyke Marleboroug […], die, als opperveldheer den Bevelhebbers staf, over de krygsmacht der drie kroonen, gezwaait, en die dat bloeijent Eilant beschermt had, tegens de invallen der wanhoopende Stuarts gezinden, en tegens de laagen der radelooze Torys.

Weyerman laat hier het lijk van de veldheer voor wat het is om fors politiek stelling te nemen. John Churchill, eerste hertog van Marlborough (1650-1722), was inderdaad overleden op zaterdag 16 juni 1722 (Old Style). Dat was 27 juni op het Continent. Mogelijk was het slecht weer, want ik kom het bericht pas op 6-7 juli in Nederlandse kranten tegen, maar ook daarmee vergeleken was Weyerman er niet heel snel bij. Heeft hij weken gezocht naar woorden om zijn ontzetting uit te drukken? Of paste het bericht op dit moment beter in zijn blad? Hij eindigt wel optimistisch:

[…] en de Britten galmden driewerf uit; Lang leeve de wakkere Cadogan!

Uiteraard besteedden alle Engelse kranten uitgebreid aandacht aan Marlboroughs dood. En ik heb dan ook (nog) niet bekeken of Weyerman zijn politieke uithaal op een ervan baseerde. Wat Cadogan betreft: graaf Cadogan (1671-1726) was al in de Spaanse Successieoorlog een van de onderbevelhebbers en was Marlboroughs gedoodverfde opvolger: dat bericht de Daily Post al vier dagen na de dood van de hertog. Hij werd inderdaad benoemd, maar overleed al vier jaar later.

Marlborough was ridder in de orde van de Kousenband. Er waren kort vóór Marlborough nog twee ridders van die orde overleden en volgens de Post Boy van 26-28 juni 1722 is dan ook een kapittel op handen, waarin drie nieuwe ridders benoemd zullen worden. Weyerman meldt dat ook, in hetzelfde nummer van de Amsterdamsche Hermes, op p. 348-349. Maar die berichtgeving was heel voorbarig: volgens de London Gazette van 9-13 oktober 1722 heeft het kapittel pas op 10 oktober 1722 plaatsgevonden. – Jac Fuchs

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *