Aapenland als Bulkboek en digitaal

‘En terecht’: tussen tevredenheid en geknor

dinsdag 12 september 2017 – Schasz’ Reize door het Aapenland is in nog geen halve eeuw een klassieke tekst geworden. In navolging van Jos Brink, die ooit vriend en vijand verbaasde met zijn oordeel over Max Havelaar (‘Max Havelaar is een meesterwerk en terecht’), zou ik willen toevoegen: ‘en terecht’.

In 1973 stofte P.J. Buijnsters met zijn editie in de reeks Klassiek Letterkundig Pantheon de tekst af. Prachtige inleiding, kundig notenapparaat. Dat neerlandici de editie zuinigjes welkom heetten, mag zeker achteraf verbazen.

Buijnsters kwam nadien terug van dat wat hij in zijn editie had beweerd: achter het pseudoniem J.A. Schasz ging bij nader inzien niet Pieter ’t Hoen maar Gerrit Paape schuil. De editie-Buijnsters hield repertoire – het bleef onder studenten Nederlands een populaire tekst, voorzichtig maakte de tekst zijn opwachting in schoolboeken –, maar was niet meer leverbaar.

Om die reden – en omdat er over de tekst intussen méér te zeggen was en sommige noten korter konden – kwam er in 2007 een nieuwe editie. Vantilt tekende voor de uitgave, Komrij zorgde voor een voorwoord en ik maakte de noten en schreef het nawoord. De nieuwe editie was zeer succesvol: de editie bereikte herdrukken in 2010, 2013 en 2016. Mooi heel mooi!

In 2012 kwam de tekst uit als Bulkboek, zojuist (september 2017) ging de tekst digitaal via DBNL. Als grootaandeelhouder in Schasz en Paape mag ik niet klagen – de vaderlandse lezers worden overspoeld met de Reize –, maar ik doe het toch, een beetje dan.

Het Bulkboek volgt de editie-Buijnsters (‘uit 1967’ huh?) en bevat een bekorte inleiding van Leonard de Vries uit 1988, de digitale versie biedt ook de editie-Buijnsters (‘uit 1972’), inclusief inleiding en noten. Het gehannes met jaartallen geeft al te denken, maar meer nog de veronachtzaming van wat sinds 1973 over Reize gevonden, gezegd en geschreven is. De Bulkboeklezer en de digitale lezer worden zo bediend met verouderde inzichten.

Is het alternatief dan om de nieuwe editie ook maar te digitaliseren? Betekent dat niet het einde van de papieren versie van het boek? Ik zou willen dat ik hierover een krachtige mening had: boos of volstrekt onverschillig zou zijn. Misschien zou mijn ontstemming – het beginnend geknor, ja dat is er dan toch – zijn weggenomen door een verwijzing in het Bulkboek en in de verantwoording bij de digitale editie naar de nieuwe editie, naar nieuwe literatuur. Of zijn Bulkboek en de digitale editie bedoeld voor een ánder publiek, voor wie het niet van belang is of de informatie bij de tijd is? Kan ik me eigenlijk niet voorstellen. —Peter Altena

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *