Marat uit bad

Revolutionair heroptreden van een held

Ai Weiwei afgebeeld als de nieuwe Marat

woensdag 23 mei 2018 – In korte tijd zag ik Jean-Paul Marat twee keer terug. In Den Bosch, in het Noordbrabants Museum, en in de bundel Western (2017) van de Vlaamse dichteres Delphine Lecompte.

Western bevat meer vieze praatjes dan ik ooit in een dichtbundel zag. De eerste zin van het eerste gedicht, ‘Geen succes blues’, is van het overrompelende soort:

Ik blijf het liefst in Brugge, bij mijn pooier en mijn honden

De ‘schöne Geister’ haken onmiddellijk af. De bundel is opgezet als een film in delen, de dichteres, die onder haar eigen naam in de gedichten optreedt, geeft zich op de titelpagina uit voor regisseur van een ‘western’. Een hele optocht van gore kerels, ‘de balorige walvisjager’, ‘de oude kruisboogschutter’, ‘de morose windhondenfokker’, ‘de pernicieuze sponzenverkoper’, past in de traditie van Louis Paul Boons ‘viezentisten’, maar misschien nog wel meer in die van de vuilbekkerij van Charles Bukowski. De lectuur van de bundel vergt een enorme inspanning – twee of drie gedichten per dag, meer gaat niet -, een bedwingen van goede smaak, maar het laat niet na me te fascineren.

Marat treedt naar voren op bladzijde 53, in het gedicht ‘De oude krabbenmoordenaar pocht over zijn koloniaal verleden’:

Ik heb verder gelezen in mijn simpele bibliotheekboek over Marat

Van de volgende strofe citeer ik de eerste twee versregels:

De oude krabbenmoordenaar vraagt: ‘Wie is je favoriete schurk van de Franse revolutie?’
Ik haal mijn schouders op en eet een groot stuk cake

Met het stuk cake wordt stellig verwezen naar de reactie van Marie-Antoinette op het bericht dat het volk geen brood had om te eten: dan kunnen ze toch cake nemen, meende ze.

In het Noord-Brabants Museum is tot 8 juli een expositie te zien onder de titel A Chinese Journey, een eerste greep uit de door de Zwitserse kunstverzamelaar Uli Sigg aangelegde verzamelde moderne Chinese kunst. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik er niet veel van verwachtte – onbegrijpelijke en ontoegankelijke kunst – maar die zelfde eerlijkheid dwingt me nu mijn ongelijk te bekennen: wat een schitterende tentoonstelling!

In een van de zaaltjes van het museum ligt op zijn gezicht en gestrekt een man in een zwart pak. Het stelt de kunstenaar Weiwei voor, de bekendste kunstenaar uit China. Hij is hier afgebeeld door He Xiangyu en het beeld heet Death of Marat.

Het beeld verwijst naar de gevangenisstraf die Weiwei door de Chinese autoriteiten werd opgelegd en legt met de titel een verbinding met de Franse Revolutie. Of de parallel helemaal klopt – waar en wie is Charlotte Corday hier? Weiwei mocht het gevang na ruim vijftig dagen verlaten – staat te bezien, maar de historische vergelijking stemt tot nadenken en het beeld blijft dagen op het netvlies. —Peter Altena

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.