De Heer Organist S**

Dirk Scholl, organist in Delft, met een rol bladmuziek in de hand

dinsdag 16 oktober 2018 – Bij het bekijken van passages uit het werk van Weyerman kwam ik een verwijzing tegen die wel een toelichting kan gebruikten. Hij staat op p. 396 van Den Amsterdamschen Hermes (deel 1, 8 september 1722):

De Paus […] zwoer […] dat Tarascony een voorbeduidzel was der toekomende Corellis, Purcels, en Quiklenbergen, en dat hy doodelyker Muziekant was, dan de Heer Organist S**, die toen [=begin zestiende eeuw] nog gebooren moest worden, en die nu de klokken der Porcelynbakkers doet rammelen als aarde potscherven.

Leo X, de paus over wie Weyerman het heeft, was paus van 1513-1521. Met Tarascony moet Weyerman Evangelista Tarasconi uit Parma bedoeld hebben. Deze was apostolisch secretaris van de pausen Julius II (1503-1513) en Leo X, en zou voor Leo X een handboek voor de muziekpraktijk geschreven hebben waarin hij tamelijk absurde standpunten innam.1 Quicklenberg was een Rotterdamse stadsmuzikant, die rond 1720 naar Londen verkaste en daar is overleden. Maar wie was die heer organist S.?

Het nieuwste nummer van het Tijdschrift Oude Muziek (03/18) dat in augustus verspreid werd, leidde mij naar een plausibel antwoord op deze vraag. Het bevat een recensie van een nieuwe cd, met een uitvoering door Camerata Delft van Thalia’s Lusthof (1678) van Dirk Scholl (of Schol).

De cd geeft een beknopte biografische schets van Dirk Scholl. Hij werd in 1641 in Den Briel geboren en was van 1664 tot zijn dood in 1726 organist van de Nieuwe Kerk in Delft. Ook was hij daar beiaardier. Daar zullen Weyermans ‘klokken der Porcelynbakkers’ en de ‘aarde potscherven’ toespelingen op zijn. 
Dirck werd opgevolgd door zijn zoon Hubertus. Cornelis Scholl, broer van Dirck, had een vergelijkbare carrière. Hij werd in 1687 organist van de Oude Kerk in Delft en tweede klokkenist naast zijn broer. Ook Cornelis bleef tot op hoge leeftijd in functie: hij werd 83 en overleed in 1733.

Weyerman noemt Dirck Scholl op nog twee plaatsen in zijn werken: eenmaal terloops in Den Ontleeder der Gebreeken en eenmaal in meer detail, in Den Echo des Weerelds, waar hij hem waarderend ‘Een verdienstig Klokkenist’ noemt. Hij zal hem al wel hebben horen spelen tijdens zijn verblijf in ’t Woudt bij dominee Sandvoort en zijn leertijd bij Thomas van der Wilt in Delft, in of kort na 1695. Van der Wilt portretteerde Scholl zelfs en Hubert Poot schreef een lofdicht en een lijkdicht op hem.

Thalia’s Lusthof biedt geen muzikaal vuurwerk. Het is goed in het gehoor liggende muziek voor amateurmuzikanten uit de betere kringen in Delft. De uitvoering van Camerata Delft is van hoog niveau, maar ik vind toch het belangrijkste dat er een raadsel in Weyermans werk mee is opgelost. —Jac Fuchs2

1. Na 1750 schrijven meerdere auteurs dat ze het verhaal over het handboek gelezen hebben in een werk van Paolo Giovio (ook wel genoemd: Jovius), een geschiedschrijver uit de eerste helft van de zestiende eeuw. Ik heb echter geen vermelding van Tarasconi door Giovio gevonden.
2. Met dank aan Jan Bruggeman voor de Tarasconi-verwijzingen en de twee citaten over Dirk Scholl, waar hij mij op heeft gewezen.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.