Nader tot Naerebout

Voorbeeldige uitgave van Frans Naerebout van J.L. Nierstrasz

dinsdag 3 augustus 2021 – Rampen vragen slachtoffers en scheppen helden. Medelijden met de ongelukkigen gaat samen met bewondering voor degenen die grote gevaren trotseerden. In een wereld waarin scepsis en wantrouwen regeert zijn helden ijdele praalhanzen en slachtoffers klunzen die slecht hebben opgelet. In het wereldbeeld van W.F. Hermans bijvoorbeeld was er weinig genade met voorbeeldige mensen: wonderkinderen waren doorgaans total loss.

In de late achttiende en begin negentiende eeuw volgde in de Republiek ramp op ramp en zelden was de behoefte aan heroïek zo groot. In de voorbije jaren heeft vooral Lotte Jensen aandacht besteed aan dit duet: heldenverering en rampverwerking. In haar pantheon van helden was maar een klein nisje gereserveerd voor de helden van de achttiende eeuw. Terloops viel de naam van Frans Naerebout (1748-1818), mensenredder te Zeeland, hierboven afgebeeld door J.P. Bourjé (coll. MuZEEum).

Op grandioze wijze is het nisje nu uitgebouwd tot een heus paleis, in de uitgave die Marinus van Hattum verzorgde van Nierstrasz’ verhalend gedicht Frans Naerebout uit 1826. In de hele neerlandistiek is niemand te vinden die historische literatuur zo serieus en liefdevol editeert als Van Hattum. Alle jonge neerlandici zou ik Van Hattums editie willen voorhouden: zo moet het! Onmodieus, ja, maar wat hoop ik dat de wetenschappelijke deugden van Van Hattum – belezenheid, dienstbaarheid en nauwkeurigheid – weer in de mode komen.

Het boek dat nu voorligt, bevat allereerst een editie van het in zijn tijd bewonderde en gesmade werk van de thans vergeten dichter Nierstrasz. In zijn inleiding situeert Van Hattum de tekst in zijn tijd en wijst op de vermenging van het epische en lyrische in de beschrijving van de heldendaden van Naerebout. De commentaar is voorbeeldig en verheldert zelfs daar waar de lezer (ten onrechte) meende het wel te begrijpen.

Uiteraard besteedt Van Hattum aandacht aan de mishandeling die het gedicht in juli 1828 trof in de brochure Nieskruid. Hevige koortsen en hoofdpijnen tastten de gezondheid van de van oorsprong Rotterdamse dichter aan en een maand na de verschijning van Nieskruid overleed hij. Naerebout was in 1828 al tien jaar dood en kon de arme dichter niet meer redden. De editeur intussen houdt zich verre van wilde speculaties over de relatie tussen mishandeling en dood.

Van groot belang in deze nieuwe uitgave zijn de gulle Bijlagen over Nierstrasz en eerdere Naerebout-teksten. In het bijzonder het panorama van Naerebout-teksten laat zien in welke behoeften de held Naerebout voorzag, nog jaren na zijn heldhaftige daden. – Peter Altena

¶ J.L. Nierstrasz Junior, Frans Naerebout, ed. Marinus van Hattum (Amstelveen EON Pers 2021). ISBN 978 90 77246 948; geïllustreerd, 252 p. € 15,- (bedrag overmaken St. Hans en Rinus van Hattumfonds, IBAN NL 31 INGB 0000 8462 72 – naam, adres en boektitel vermelden).

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.