Ici Charleroi

Waar Jacob Campo Weyerman geboren werd

donderdag 5 mei 2022 – Wie was ooit in Charleroi? 

De Belgische fotograaf Stephan Vanfleteren vond deze stad in Wallonië uit, in wonderschone troosteloosheid. Dankzij zijn foto’s kreeg ik een beeld van Charleroi dat niet meer van het netvlies af wil.

Dat beeld verving vage beelden uit het verleden. Zware industrie, veel armoede. Zelfs Jacob Campo Weyerman, die in 1677 in de nabijheid van Charleroi werd geboren, herinnerde zich liever dat hij in Breda was geboren. Maar het was dus Charleroi.  Vader in het leger, moeder marketentster. Willem III belegerde de stad met weinig succes.

Waarom Charleroi? Antwoorden vond ik in het schitterende boek van Luuc Panhuysen, Rampjaar 1672. Hoe de Republiek aan de ondergang ontsnapte. Onlangs gelezen, met bewondering en met een notitieblokje.

In het zogeheten Rampjaar, door Panhuysen trefzeker opgerekt tot zeventien maanden, was Charleroi door de Franse koning Lodewijk XIV opgetuigd met prestige. In april 1672 verzamelde Lodewijk zijn manschappen bij Charleroi. Het ging hier om een wapenschouw: halverwege april verzamelden zich onder de vestingmuren vijftigduizend man en niet alleen liet de Franse vorst daarmee zijn tanden zien, maar met deze ‘revue’ opende hij de aanval op de Republiek. Delen van het leger zetten zich al in beweging, maar het vertoon was nog niet ten einde: op 5 mei zag Lodewijk voor de muren van Charleroi liefst tachtigduizend man, tot zijn genoegen. In de pers, ook in de Nederlandse kranten, kon dat alles worden gelezen.

De expeditie van Lodewijk startte in Charleroi, met krachtpatserij. Voor ridderlijke geesten zoals de Franse vorst en de stadhouder betekende dat wat. Lodewijk blufte niet alleen, hij nodigde Willem als het ware uit om naar Charleroi te komen om hem daar te verslaan.

Eind 1672 was in de Nederlanden de nood hoog en de redding nog lang niet nabij. Een waterlinie beveiligde en verkleinde de Republiek. Met zijn legers richtte Willem zich niet op de herovering van Utrecht of de verdediging van Den Haag, maar op Charleroi. Niet iedereen begreep dat. Of liever: bijna niemand begreep dat. Blijkbaar dacht niet iedereen in termen van prestige.

Overigens moest Willem zijn belegering van Charleroi in december 1672 opgeven. In de tussentijd hadden de Fransen heuse slachtpartijen aangericht in Bodegraven en Zwammerdam. Slechts weinigen durfden hardop te zeggen dat Willem zich beter in Holland had kunnen verweren.

Toen in 1673 de kansen keerden, was er in het land de vrees dat Willem zijn leger andermaal zuidwaarts zou dirigeren. Met de uitspraak ‘Als het maar geen tweede Charleroi-reis wordt’! verwezen bezorgde landgenoten naar recente ervaringen, toen de keerzijde van de avonturen in het zuiden bestond uit weerloosheid in Holland.

Ook voor Frankrijk, dat de vesting weliswaar in 1673 wat had laten verslonzen, was Charleroi van betekenis. In het begin van 1674 lieten de Franse legers er zich met veel manschappen zien. Willems belegering van Charleroi in 1677, dat uiteraard buiten het bestek van Panhuysen valt, moet wel tegen de achtergrond van de recente geschiedenis geplaatst worden: Charleroi was meer dan Charleroi, het was prestige! – Peter Altena

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.