Veilingen en hebzucht

veilingzaterdag 15 november 2014 – November is de veilingmaand bij uitstek. Prachtige boeken worden er afgehamerd bij Burgersdijk en Niermans en, over anderhalve week, bij Bubb Kuyper. De collectie Buijnsters is iets om naar uit te kijken. Helaas is mijn budget reeds sterk gekrompen sinds ik op een kunstveiling de laatste was die bij een fraai schilderij mijn nummer opstak. Hebzucht, dat is de kwaal waar alle verzamelaars aan lijden.

Op de prent hierboven, met als bijschrift ‘The Auction, or Modern Connoisseurs’, is een heel stel hebberige verzamelaars bijeen op een veiling. De afbeelding verscheen in november 1771 in de Oxford Magazine: Or, Universal Museum, calculated for General Instruction and Amusement. Het rijk geïllustreerde blad zou volgens de titelpagina geschreven zijn door ‘a Society of Gentemen, Members of the University of Oxford’. Een studentenblad dus. Het eerste nummer verscheen in januari 1768, het laatste in december 1776.

De veilingknechten houden een dom schilderij met een molentje ondersteboven omhoog, terwijl de veilingmeester de bieding leidt. In de zaal zitten wat decadent uitgedoste dames en heren met de veilingcatalogus in de hand. Intrigerend is het schilderij op de achtergrond, rechtsboven, waarop een veroordeelde boef de handen devoot samenvouwt, kennelijk om kort daarna zijn hoofd in de beulsknoop te leggen.

De prent is afgebeeld bij een ingezonden brief – ongetwijfeld verzonnen, zoals dat gebruikelijk was in 18e-eeuwse spectators – van ene T. Brown, gericht aan de hoofdredacteur. Veilingen zijn zo populair, klaagt hij, dat bijna alles tegenwoordig in Londen op die manier verhandeld wordt. Kijk maar naar de Daily Advertiser: die staat vol met advertenties voor veilingen. De briefschrijver is er niet blij mee, omdat veilingen zeer fraudegevoelig zijn en leiden tot een grote schuldenlast bij de hebberige kopers.

The method, I am told, is this; they are very regular and punctial in their payments, by which means they establish their reputation so far, as even to be courted to take vast quantities of goods, perhaps at six or twelve months credit; these goods are immediately sent to the Auctioneer, and converted into ready money, perhaps at the loss of 20 per cent.
In this manner a rascal may go on, and by getting great credit, and selling for ready money, live at a most extravagant rate, and spent almost all the money, before it can be known that he is in bad circumstances.

Van een dergelijke windhandel onder particulieren had ik nog nooit gehoord. Wel kende ik het Haagse veilingcircus in de jaren veertig van de 18e eeuw. Haagse boekverkopers veilden onderling hun fondsen: betalingen vonden plaats in obligaties die vervolgens weer werden doorverhandeld. Het leidde uiteindelijk tot een faillissementsgolf in de lokale boekhandel. — RvV

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *