april 2010

Leidse ballen

donderdag 29 april 2010 – Medio mei verschijnt een heruitgave van De Leydsche Straat-schender (ca 1679), een van de vroegste pornografische romans uit de Nederlandse geschiedenis. Inleiding en commentaar van Rietje van Vliet.

Omvang: 176 pags, rijk geïllustreerd.
Prijs: € 19,50 excl. verzendkosten.
Te bestellen: uitgeverijastraea@mac.com

.

.

De vermaakelyke rarekiek

maandag 26 april 2010 – De weblog Letteroefeningen gaat altijd over leuke vondsten.

Deze keer wordt de advertentie van 1 januari 1779 aangehaald waarin De vermaakelyke Rarekiek of de Almanach der Hypochondristen voor het Jaar 1779 wordt aangeboden.
Het almanakje, dat helaas alleen voor het jaar 1781 bewaard is gebleven, bevat:

twee AUTHENTIQUE BRIEVEN en één DIEPZINNIG RAADZEL van wylen J. CAMPO WEYERMAN aan den Heer B. te Rotterdam toegezonden.

Over deze almanak, zie het artikel in de Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 2000, p. 145-149, ‘“… als zodaanig in de openbaare Nieuwspapieren Geadverteerd” (1) Weyerman als publiekstrekker’.

Don Quichot te koop

vrijdag 23 april 2010 – Bij Burgersdijk en Niermans (Leiden) wordt op 11-12 mei aanstaande de Don Quichot van Weyerman geveild (€ 800).

Wie genoegen neemt met een virtueel exemplaar, kan terecht bij GoogleBooks. Het themanummer van de Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman, over Weyermans Don Quichot, is ook op het web raadpleegbaar (klik hier).

Reactie Perkamentus: Deze uitgave bracht uiteindelijk niet zoveel meer op. De eerste Nederlandse uitgave in perkament die eveneens op 12 mei jl. werd geveild bracht maar liefst € 11.000,- euro op (excl. opgeld).
Reactie Rietje van Vliet: Er waren zelfs bieders uit Spanje! Helaas voor de koper is de vertaling van Lambert van den Bosch tamelijk suffig. En het moet gezegd: ook die van Weyerman behoort niet tot de topstukken van diens eigen oeuvre.

Van der Capellen tot den Marsch

donderdag 22 april 2010 – Het achterneefje van de Van der Capellen tot den Poll heeft sinds kort een eigen biografie: Robert Jasper baron van der Capellen tot den Marsch (1743-1814). Regent, democraat, huisvader. Geschreven door Jacques Baartmans en uitgegeven bij Verloren.

Citaat van de website:

Tijdens de Bataafse Republiek was zijn politieke rol uitgespeeld, maar zijn persoonlijke geschiedenis blijft bijzonder, zoals uit deze biografie blijkt. De publieke betekenis van Van der Capellen ligt vooral in het feit dat hij zich als telg uit een familie van adellijke bestuurders en militairen ontwikkelde tot patriot en democraat met een zeer idealistische inslag.

Centsprenten

zaterdag 17 april 2010 – In het Schielandshuis (Rotterdam) is tot 13 juni aanstaande een tentoonstelling te zien van kinderprenten uit de collectie Atlas van Stolk.

Op 2 juni is er een symposium over centsprenten, mede georganiseerd door de KB en de Stichting Geschiedenis Kinder- en Jeugdliteratuur (informatieve website!). Er wordt dan ook een nieuw boek gepresenteerd: Centsprenten: massaproduct tussen heiligenprent en stripverhaal, van Aernout Borms.

De laatste paus

vrijdag 16 april 2010 – In de Vrolyke Tuchtheer van 3 april 1730 gaat Weyerman uitgebreid in op de pausenprofetie van St. Malachias:

dien malle Malachias Aartsbisschop van Armach, welk ampt hy verliet demoedigheidshalve, wyl zyn ootmoed hem reeds zo veele jaaren tot het oostindiensvaarders leeven van op stoelen en banken te rusten had gekondemneert, en hy gevolglyk zich niet tot die zindelyke grootsheyt kon gewennen. Den Paus Innocent den tweede, die met Malachias verdienst en deugd was bekent, betuygde veel achting voor hem te gevoelen, en ontfing hem gulgartiglyk op zyn komst binnen Romen. Die reys smaakte den profeet zo wel dat hy die pelgrimasie voor de tweedemaal ondernam; maar wyl hy onderwege St. Bernard een visite gaf te Clervaux, kreeg de doot hem by ‘t linkerbeen, en hy stierf in de armen van dien grooten Abt, die zyn oogen sloot, zyn lykvertoog sprak, zyn leeven beschreef, en meer weet ik niet dat Malachias kon wenschen.

De hele aflevering gaat over deze malle Ierse profeet, die voorspelde dat er 111 pausen zouden komen vanaf paus Celestinus II. In de 19e eeuw werd dit getal opgewaardeerd tot 112.
Als je uitgaat van de originele pausenvoorzegging, dan is de huidige paus de hekkensluiter. Het rumoer over de grijpgrage handen van de rk geestelijken lijkt erop te duiden dat Malachias gelijk kan krijgen.

Tulpen

woensdag 14 april 2010 – Weyerman was geen onverdienstelijk bloemschilder maar verruilde, ongedurig als hij was, dit contemplatieve beroep op een gegeven moment voor dat van kunsthandelaar en beroepsschrijver. Of hij in het bijzonder iets met tulpen had, is niet duidelijk. Wel met de Bossche bloemenkweker Lambert Pain et Vin: collectioneur en frauderend belastingontvanger.

In de Amsterdamsche Hermes wijdt Weyerman een heel betoog over koekoeken aan Pain et Vin. Hij had kennelijk met deze zakenrelatie nog een appeltje te schillen:

Daar wort zo veel Koekoeks-zang over het Koekoeksdom, gezongen, dat het schande voor de Mans, en schaade is voor de Vrouwen. De meeste Filosoofen en Filosofinnen bevatten veel beknopter de werkdaadige, dan de beschouwende eigenschap, van die benaaming (dat is) een Koekoek wort zo ras gemaakt als genoemt. De Florist Lambert, die een Aartskoekoek was, tot over zyn borstelige wynbrauwen, wist echter niet meer, waar uit de benaaming sproot van een Koekoek, dan hy wist, waar uit dat de witte Eenhoorn, die den open helm van Madames met wapenschilt beklimt, en die zy met een steevig getal van Veelkoorns, vermeert heeft, is ontsprongen.

Het Rijksmuseum toont tot 31 mei aanstaande de mooiste 17de- en 18de-eeuwse prenten en tekeningen van tulpen uit eigen collectie. Losse tulpen, tulpen in boeketten, in de tuin, als ontwerp voor een zilveren ornament en op allegorische afbeeldingen.
Hoogtepunt is het tulpenboek van Jacob Marrel uit 1637-1639. Complete tulpenboeken zijn uiterst zeldzaam en het exemplaar van Marrel is zeer zelden getoond aan het publiek

Pausinne Johanna

zondag 11 april 2010 – Lot nummer 7 uit de fictieve verkoopcatalogus uit: De geest van Jacob Campo Weyerman, of nieuwe en aardige invallende gedachten, zijnde een vermakelijk rommel zootjen van verscheyde ouwe en nieuwe kost opgedist voor jonge lieden, oude droomers, en suffelaars (1754) luidt:

Een Kornet Muts met Slippen, die Pausinne Johanna gedragen heeft in de visiete week, van haar eerste Kraam.

De belevenissen van de legendarische pausin waren iedere achttiende-eeuwer bekend. Het ultieme voorbeeld van een vrouw in mannenkleren was voor menigeen aanleiding tot zinnenprikkelende fantasieën. Vooral de gedachte aan de kakstoel, een stoel met een gat erin (bedoeld om te voelen of de paus wel ballen heeft…), was pikant.

Nog steeds doet de pausin de verbeelding op hol slaan. In 1967 verscheen de roman over Pausin Johanna, geschreven door Emmanuel Rhoïdis, in een Nederlandse vertaling van Komrij. In 2001 kwam in Nederland de studie over de pausin uit, geschreven door Donna Woolfolk Cross. En vorige week was in Nederland de première van de film over de pausin. Vanmorgen een bespreking op OVT.

Wie leest, luistert en/of kijkt, weet onmiddellijk waar lotnummer 7 uit de fake veilingcatalogus van 1754 op slaat.

Reactie Gerrit Komrij: De vertaling van de roman van Rhoïdis verscheen in 1967.

Kranten online

zaterdag 10 april 2010 – Dat de KB bezig is met een digitaliseringsproject van oude kranten, kan niemand zijn ontgaan. Inmiddels is alles gescand en staat alles uiterlijk medio dit jaar op het web.

‘Misschien zelfs al volgende maand’, sprak iemand van de KB veelbelovend. ‘Nu zijn we in de laatste fase. Voor een aantal kranten moeten de auteursrechten nog juridisch goed worden geregeld.’

Kijk hier om welke kranten het gaat.

.

Toverlantaarns

vrijdag 9 april 2010 - De toverlantaarn bood de achttiende-eeuwer het vermaak dat wij nu in de bioscoop hebben: mooie gekleurde plaatjes. Vaak met een verhaal erbij. Het enige verschil: de beelden bewogen niet.

In de Rijksmuseum Kunstkrant van nov/dec 2002 staat een aardig verhaal over de geschiedenis van de toverlantaarn.

Op maandag 19 april aanstaande houdt geheugenprof Willem Albert Wagenaar, em.hoogleraar klinische psychologie en rechtspsychologie, een lezing over 18e-eeuwse toverlantaarns. Hij verzamelt ze en zal tijdens de lezing fraaie demonstraties geven.

Plaats: Leiden, Studentencentrum Plexus (Spectrumzaal), Kaiserstraat 25
Datum en tijd: 19 april, aanvang 19.30 uur
Entree: gratis
Info: zie link.

Italiaans eten in 1655

donderdag 8 april 2010 – De UB Amsterdam heeft zojuist een fraai kookboekje verworven: Koock-boeck oft Familieren Keuken-boeck van Antonius Magirus (Antwerpen 1655). Citaat van de website van de UB:

Magirus baseerde zijn recepten vooral op het belangrijkste kookboek uit de Italiaanse renaissance; de Opera van Bartolomeo Scappi. Scappi was de persoonlijke kok van paus Pius V en wordt beschouwd als de ‘Michelangelo van de Italiaanse keuken’.

Zie ook de website Kookhistorie van Marleen Willebrands. Daar staan ook volledig ingescande pagina’s van een editie uit Leuven 1612, voorzien van een transcriptie van recepten.

Weyerman als redacteur van de Antwerpsche Post-tydinge

woensdag 7 april 2010 – Op dit moment worden op eBay twee afleveringen van de uiterst zeldzame Antwerpsche post-tydinge te koop aangeboden.
Het aardige is dat deze vroege afleveringen van het nieuwsblaadje misschien wel deels door Weyerman zijn geschreven.

Weyerman schrijft in zijn Echo des Weerelds (8-11-1725) dat hij voor deze krant van Hendrik Aertssens gewerkt heeft:

Ik heb een tyd lang de Korrespondent geweest van den Antwerpsche Courantier, en ben zo verhart geworden in ‘t Liegen, in die Dienst, dat ik myn Brood zou konnen winnen als valsche Getuygen voor alle de Rechtshoven van Normandyen.

.

.

.

.

.

.

.

Caesar van Everdingen

zaterdag 3 april 2010 – Het Rijksmuseum heeft zojuist voor 1,3 miljoen euro dit schilderij aangekocht. Het is geschilderd door Caesar van Everdingen (1617-1678) en stelt Flora voor, de verbeelding van de zomer.
Van Everdingen had een ‘vleiend penseel’ schrijft Houbraken in zijn Groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen.

Dit vleiende penseel komt ook voor bij Weyerman in zijn Konst-schilders. Caesar van Everdingen, schrijft hij:

Is zijn Geboorte verschuldigt aan de stad van Alkmaar, en was in zijn Eeuw een braaf Beelden-en Konterfytselschilder, die een vrolijk, mals en vleyent penseel voerde. Onder zijne alderbeste Tafereelen schatten de Konstkenners de met Davids triomf over Goliat beschilderde Orgeldeuren, in de Kerk tot Alkmaar: ook was hy geen onverdienstig Bouwkonstenaar, die het model maakte tot het Huys van den beruchten Bouwheer Jakob van Kampen, die aldaar den grooten Orgel ordonneerde. Op de grooten Doelen tot Alkmaar hangt ook een groot Tafereel by dien Cesar van Everdingen geschildert, zijnde daar op gekonterfyt den op die tijd leevenden Adel, benevens de Krygsraaden der Schutters. Alle die Beelden zijn leevensgroote en konstiglijk geschildert, zodat alleenlijk dat een Tafereel voldoende is om zijnen lof te bepleyten, en ook het proces dien aangaande te winnen. Hy stierf op het jaar duyzent ses hondert negen en zeventig, en geeft ons daar door de gelegendheyt om terloops een woord te spreeken van zijnen Broeder Jan van Everdingen.

Voor een afbeelding van de orgeldeuren in de grote Sint Laurenskerk in Alkmaar, zie ook de website van de Grote Kerk (kopje historie).

Goochelaars en doppenisten

donderdag 1 april 2010 – ‘La physique amusante. Trefpunt van natuurkunde en goochelen.’
Op 12 april (verplaatst naar 3 mei!) aanstaande houdt Frits Berends (emeritus hoogleraar theoretische natuurkunde) een lezing over de geschiedenis van het goochelen. Een logische interesse, zei hij eens, want goochelen is niets anders dan het populariseren van natuurkunde.

Entree: gratis.
Plaats: Universiteit Leiden, Lipsiusgebouw, zaal 011
Aanvang: 19.30 uur
Info: zie link.

Info over de illustratie, zie Gelkinghe.
Weyerman over Doppenisten (balletjeballetje-spelers) in de Amsterdamsche Hermes:

Een gestrenge Manhafte, en Onvertzaagde Duitsche Bourgonjon ,die ‘er meer op zyn Zwaerd heeft dan de vermaarde Chevalier de Gravelles, ontmoette, onlangs in de Trekschuit, een gezelschap van Dopjes-speelders, die het Spreekwoord; Heeft hy veel Eyeren, hy maakt vel doppen, leugenachtig maakten, want zy klutsen, uit de doppen der Guiten, de gulde Dooiers der Zotten. Die snuggere Brakken rooken aanstonts de Goudbeurs van den Heer Hanselyn, en door de vertooning van een groot getal van goude Broedpenningen, wisten zy dien Menschenslagter zo geldzuchtig te maaken, dat hy zyn Medailles, die alle uit Kopstukken bestonden, voor den dag haalde, op hoop van die, met versche hulptroeppen, voltallig te krygen. In ‘t begin liep de kans, gelyk als een Spion, over en weer, en de Scherprechter begon zig te verbeelden, dat het Zwaerd vry vaster Spel speelt, als de Dopjes, toen de Fortuin aan Hem, die ‘er zo meenig het hooft dwars heeft gezet, den voet dwars zette, want zy koos de zy der Doppenisten.

Comments are closed.