augustus 2011

Croniqueur van het Parijse straatleven

woensdag 31 augustus 2011 – Aanstaand weekend wordt in Lille de grote internationale overzichtstentoonstelling van de werken van Louis-Léopold Boilly (1761-1845) geopend: ter gelegenheid van de verjaardag van zijn 250ste geboortedag.

Deze Parijse schilder is de geschiedenis in gegaan als schilder van hoffelijke of pikante thema’s. Hij schilderde het Parijse straatleven in de jaren na de Revolutie. Hij was een geniaal portretschilder, karikaturist en schilder van trompe-l’oeils.

¶ De tentoonstelling is van 4 september 2011 tot 6 februari 2012 te zien in het Palais de Beaux Arts de Lille. Een monografie over schilder en werk verscheen al in 1995: Susan L. Siegfried, The Art of Louis-Léopold Boilly. Modern Life in Napoleonic France. Yale Press. ISBN: 9780300063325. Prijs $ 80 (maar vast goedkoper via het tweedehandscircuit). Zie diverse filmpjes over zijn schilderijen.

Expeditievergadering Hellevoetsluis

zondag 14 augustus 2011 – De expeditievergadering 2011 vindt plaats op zaterdag 10 september in de Cruyttoren in de Vesting Hellevoetsluis. De Stichting Jacob Campo Weyerman is te gast bij de Stichting Historisch Genootschap ‘De Cruyttoren’ in Hellevoetsluis.

Hellevoetsluis was in de 17e en 18e eeuw de belangrijkste oorlogshaven van Holland. De schepen van de Admiraliteit van Rotterdam werden hier schoongemaakt, hersteld en uitgerust. Aan weerszijden van het dok en de haven stonden enkele huizen die samen de naam ‘dorp’ nauwelijks verdienden. De Tweede Engelse Oorlog leidde ertoe dat in 1665 de eerste verdedigingswerken werden aangelegd. Dertig jaar later begon men aan een nieuw vestingstelsel. De marinehaven kreeg haar kenmerkende vorm die nog altijd herkenbaar is. Weyerman heeft de haven in deze vorm gezien.

Programma
13.00-13.30 uur Ontvangst
13.30-13.40 uur Opening door de voorzitter Rietje van Vliet
13.40-14.00 uur Lezing ‘De pakketbootdienst tussen Harwich en Hellevoetsluis’ door Jac Fuchs
14.00-14.20 uur Lezing ‘Met Weyerman op reis naar Engeland’ door Jan Bruggeman
14.20-14.45 uur Pauze
14.45-15.10 uur Lezing door Arie van den Ban (Stichting Historisch Genootschap ‘De Cruyttoren’)
15.15-16.15 uur Rondleiding door de Vesting Hellevoetsluis onder leiding van Bart Coelen
16.15 uur Afsluiting met informele borrel.

Locatie: het Kruithuisje, Opzoomerlaan 130 in Hellevoetsluis (zelf nog even verder googelen op het exacte adres!). Kosten: voor vrienden/leden van de Stichting JCW (en hun eventuele introducees) gratis. Svp wel aanmelden bij de secretaris van het JCW. Reistijd met openbaar vervoer: vanaf Rotterdam CS één uur (metro naar Spijkenisse Centrum, daarna bus 101). Zoek naar de exacte tijden op de OV-website. Lunchen op eigen gelegenheid, bijvoorbeeld in het Pomphuys (met terras aan de haven), naast het droogdok van Jan Blanken, dat op enkele minuten verwijderd ligt van het Kruithuisje. Zie voor andere restaurants het kaartje.

Der entdeckte Falsarius und Plagiarius

zaterdag 13 augustus 2011 – De meeste oplichters hebben hun eigen Wiesenthal. Zo ook de baron van Syberg. Deze alchemist liet vermogend Nederland investeren in zijn goudmaakkunst.

Ook Weyerman, in 1732 zijn faillissement nabij, zag het lokkend goud voor zich. Toen dit klatergoud zijn glans verloor, ontpopte hij zich tot Sybergs eigen kwelgeest.

Over Syberg verscheen zojuist een special van ‘t Seghen Waert, het blad van het Historisch Genootschap Oud Soetermeer. Het artikel van Rietje van Vliet (‘Alchemistische praktijken in Zoetermeer. De geschiedenis van de beruchte goudmaker, baron van Syberg’, p. 3-35) is een bewerking van de uitgave SYBERG. De Zoetermeerse alchemist. Deze bundel verscheen ter gelegenheid van de expeditievergadering in zomer 2010.

Syberg had in de Duitse landen nog een kwakjager: Johann Christian Wolff. Deze arts schreef over oplichters, goudmakers en alchemisten (en in het bijzonder over Syberg):

Der entdeckte Falsarius und Plagiarius, d. i. Gründliche Nachricht wider des Falsarii und Plagiarii David Friedels, aeltesten Medicastri, Winkel-Artztes und Stöhrers zu Delizsch höchstschädliche confiscirte Schrifften, und sonderlich wider eine aufs neue edirte Charteque von Podagra und dessen betrügliche Arcana, in specie wider seine Universal- oder Gold-Tinctur wider das Podagra: Mit gelehrten Observationibus und curieuxen Præjudiciis von Bullen-Doctern, Medicastris, Falsariis, worinnen die Materie von Comitibus Palatinis, deren Creaturen, Crimine Falsi, betrüglichen Arcanis, Gold-Essenzen ausführlich, als noch an keinem Orte gesschehen, traktiret wird ; Dem Publico zum Besten, wie man sich vor desgleichen Falsariis, Plagiariis, deren schädlichen Schrifften und betrüglichen Arzeneyen, so theuer im Lande verkauffet, und einfältige, leichtgläubige Leuthe ums Geld, Gesundheit, Leib und Leben, ja wohl gar um die Seeligkeit dadurch gebracht werden, in acht nehmen, keine Medicastros und Pfuscher nicht, sondern verständige Doctores Medicinæ gebrauchen solle, wenn man mit guten Gewissen freudig und seelig sterben, oder gesund bleiben will ; Denen Herren Geistlichen, Advocaten, Medicis, Apothekern, Barbierern, Badern und Consorten zum Nutzen Amts-Pflichts- und Gewissens halber ausgefertigt von Joh. Christian Wolffen [...].

Het bijna duizend pagina’s tellende werk (Dresden 1732) staat nu geheel gedigitaliseerd op internet (zelf zoeken op trefwoord ‘plagiarius’). De lezer zij gewaarschuwd: het is geen fijn proza. Helaas is de tekst nog niet doorzoekbaar. Daarom een verzoek aan degene die de passages over Syberg vindt: svp doorgeven!

Update: de gezochte pagina over Syberg is p. 469.

De donkere kanten van Tiepolo’s genie

woensdag 10 augustus 2011 – De Venetiaan Giovanni Battista Tiepolo (1696-1770) is beroemd om zijn religieuze en mythologische schilderingen op wanden en plafonds van kerken, stadspaleizen en buitenhuizen.

In de negentiende eeuw was de waardering voor zijn werk tot een dieptepunt gezakt. Zijn voorstellingen werden gezien als te barok, als ijdel en weinig natuurgetrouw. Daar is inmiddels verandering in gekomen, al worstelen veel kunsthistorici met de 33 raadselachtige prenten die Tiepolo voor zichzelf maakte.

Roberto Calasso besteedt in zijn Het roze van Tiepolo, in tegenstelling tot wat de titel suggereert, weinig aandacht aan het frivole schilderwerk van Tiepolo. De aandacht gaat vooral uit naar de zwartwit prenten: de Capricci en de Scherzi.

Wat zijn het voor prenten die Calasso als studieobject neemt? Tiepolo heeft er knoestige oudjes op afgebeeld, in oosters gewaad. Verder zie je saters, uilen en slangen, schedels en stukgelezen folianten. Zelfs Pulchinella en de Dood. Citaat uit recensie NRC (18-2-2011):

Al die figuren lijken verwikkeld in ernstige, misschien wel occulte, rituelen waarin dood en verderf nooit ver weg lijken te zijn. In een geleerd betoog oppert Calasso interpretaties waarin ketterij, magie en zelfs godendwang (theürgie) een rol spelen. Zo roepen de baardige oosterlingen – die ook in Tiepolo’s geschilderde werk veel blijken voor te komen – associaties op met Egypte, India en hekserij. En ook de vele slangen, kronkelend op de grond of opgehangen aan staken, doen niet alleen denken aan de oudtestamentische verhalen van Mozes en Esther, maar ook aan de legendes uit Egypte en het oude Rome.

¶ Roberto Calasso, Het roze van Tiepolo. Uitg. Wereldbibliotheek 2010. 310 blzz. Prijs € 29,90. Lees hier een deel van het eerste hoofdstuk.

Marie Leszczynska (1703-1768)

maandag 8 augustus 2011 - Marie Leszczynska was getrouwd met Lodewijk XV. Ze was koningin van Frankrijk van 1725 tot 1768. Het was, wat we nu zouden noemen, een verstandshuwelijk. Bedoeld om de ziekelijke koning te voorzien van gezonde nakomelingen.

Daarin slaagde het vorstelijke echtpaar uitstekend. Ze kregen negen dochters en één zoon (‘Toujours coucher, toujours grosse, toujours accoucher’). Helaas voor de erfopvolging: de dauphin overleed aan tbc, nog voor hij de troon kon bestijgen.

Manlief ging voortdurend vreemd (madame de Pompadour) en La Polonaise trok zich steeds meer uit het openbare leven terug. Zij verdeelde haar tijd tussen gebed en meditatie, liefdadigheid en de opvoeding van haar kinderen. Ze is de geschiedenis in gegaan als een duffe tante, die in tegenstelling tot haar rivale weinig tot de verbeelding spreekt.

Dit is echter geheel ten onrechte. Ze had een uitstekende opvoeding genoten, sprak vijf talen en kon zich meten met menig intellectueel aan het hof. Ze schilderde en was een groot muziekliefhebber. De castraat Farinelli kwam haar privé zanglessen geven. Maar het feit dat vrijwel al haar dochters non werden, geeft te denken aan de devote sfeer in haar paleis.

Aan deze Poolse koningin van Frankrijk is nu in Versailles een bescheiden expositie gewijd. Veel pracht en praal, dat spreekt. Mooie schilderijen, onder anderen van Jean-Marc Nattier (zie plaatje).

¶ De expositie Parler à l’âme et au coeur. La Peinture de Marie Leszczynska is tot 19 september te zien in Château de Fontainebleau.

Het Parijse leven in luxe

woensdag 3 augustus 2011 – In het J.Paul Getty Museum is momenteel nog de tentoonstelling Paris: Life & Luxury te zien.

Hier kan men zich vergapen aan kledingstukken, juwelen, kandelaren, uurwerken, muziekinstrumenten, meubelstukken uit het midden van de 18e eeuw. Ze geven een beeld van hoe het was om te leven in het mondaine, luxe Parijs in de vroegmoderne tijd.

Eén van de belangrijkste Franse schilders die het luxe leven van Parijs op doek heeft vastgelegd, is François Boucher. Op het schilderij La Toilette, uit 1742, heeft hij een schattig roodbruin katje onder de rokken van madame geplaatst. Het toppunt van decadentie! Het schilderij is een van de hoogtepunten van de tentoonstelling.

¶ De tentoonstelling in het Getty Center duurt tot 7 augustus aanstaande. Daarna verhuist de expositie naar het Museum of Fine Arts, in Houston (18 september — 10 december 2011). De catalogus Paris: Life & Luxury in the Eighteenth Century kost $ 45 (meer info). Voor wie de VS te ver is, kan volstaan met een diavoorstelling die laat zien hoe rijkaards de ochtenden, middagen en avonden doorbrachten in Parijs. Lees hier een interview met Robert Darnton over bloggen op z’n 18e-eeuws.

Wandelen door Brabant

dinsdag 2 augustus 2011 - De Brabantse predikant Stephanus Hanewinckel (1766-1856) was een wandelaar in hart en nieren. Tijdens zijn vele reizen door de Brabantse Meierij heeft hij notities bijgehouden, die nu in delen op een weblog worden gepubliceerd. De blauwe ballonnetjes op de routekaart geven plaatsen weer waaraan Hanewinckel apart aandacht besteedt.

De overpeinzingen van de wandelende predikant – in 1798-1799 gepubliceerd als Reize door de Majorij van ‘s Hertogenbosch – zijn beslist de moeite waard om te lezen. Soms zijn ze wat sinister. Zo schrijft hij in zijn vierde brief, wanneer hij in de verte Vught ziet liggen:

Een kille huivering trok door mijn botten, toen ik me voorstelde dat misschien wel iedere stap die ik deed, neerkwam op de reeds lang vergane beenderen van mijn medemensen die in de afgelopen oorlogen rond Den Bosch gesneuveld waren en die ooit, op de jongste dag, wraak zullen afroepen over hen die hen naar de slachtbank hebben geleid.

¶ De wandelweblog is een initiatief van het Brabants Historisch Informatie Centrum en kwam tot stand samen met Frank Meijneke. Deze is de auteur van het boek Op reis door de Meierij met Stephanus Hanewinckel.

Comments are closed.