De Oudheid in de 18e eeuw
vrijdag 28 januari 2011 – Vandaag begint in het Teylers Museum (Haarlem) het jaarlijkse, tweedaagse symposium van de Werkgroep 18e eeuw. De lezingen gaan over de rol van de Griekse en Romeinse oudheid in de Nederlandse achttiende eeuw.
Aanvang 11.00 uur met een ledenvergadering; om 13.00 uur begint het feitelijke symposium. Met sprekers als
- Carl J. Richard: The Founders of the United States and the Classics: Greece, Rome, and the American Enlightenment
- Eric Moormann: Drie generaties Goethe in Herculaneum en Pompeii. Kroniek van de grand tour tussen 1740 en 1830
- Yasmin Haskell: The consolations of antiquity for the Groningen Ovid, Gerard Nicolaas Heerkens
- Henri Krop: De wijsbegeerte der ouden als norm voor de hedendaagse filosofie: van Hemsterhuis tot Van Heusde
- Anna de Haas: Klassieke helden op het toneel
Het volledige vrijdag- en zaterdagprogramma is hier te lezen.
De vele levens van Paape
donderdag 27 januari 2011 – Gisteren verdedigde Peter Altena in Nijmegen zijn proefschrift Gerrit Paape (1752-1803). Levens en werken.
Helaas waren slechts enkelen in het gelukkige bezit van deze lang verwachte biografie. Voor de handelseditie van het boek over de ‘plateelschilder die zich wist te verheffen tot dé stem van de radicale revolutionairen in Nederland’ moeten we wachten tot augustus 2011.
Lees hier wat uitgeverij Vantilt erover schrijft in de voorjaarscatalogus. Hieronder een citaat:
In Gerrit Paape (1752-1803) brengt Peter Altena de vele levens en werken van een begenadigd en bevlogen schrijver voor het eerst in kaart. Zo ontstaat tevens een nieuw beeld van een van de rumoerigste decennia uit de Nederlandse geschiedenis.
Nicolaas Verkolje (1673-1746)
dinsdag 25 januari 2011 – Van 5 februari tot en met 12 juni 2011 in het Rijksmuseum Twenthe een overzichtstentoonstelling te zien van het werk van Klaas Verkolje, leeftijdgenoot van Weyerman. Ze kenden elkaar, zo blijkt uit Weyermans biografie van de Delftse ‘Historie- en Konterfijtselschilder’. Weyerman had grote waardering voor Verkolje:
Noch onlangs hebben wy dien Konstfenix in een volmaakte gezondheyt gezien in Amsterdam, wy verhoopen dat hy daar in noch veele jaaren mag volharden, tot welzijn van zijn Huysgezin, en tot een oogenlust der verstandige Konstbeminnaars.
Verkolje zat altijd te lezen, schrijft Weyerman. Zelfs onder het eten: ‘ja als hy aan tafel zat om te eeten stak’er altoos een boek a twee in de Japonsche rok, die hy van tijd tot tijd inzag indien de spijs zulks kwam toe te laaten’.
Op z’n vijftiende begon bij Verkolje het kunstvuur door te stralen. Zijn vader bracht hem de beginselen van de schilderkunst bij. Hij bekwaamde zich vooral in de ‘Doorzichtkunde’, een talent dat volgens Weyerman ‘hoognoodig wort vereyscht in een braaf Konstschilder’. Na het overlijden van zijn vader specialiseerde Verkolje zich in het schilderen van ‘woelige Historien en van rijkelijk geordonneerde Kabinetstukken’.
Het aantal schilderijen dat Verkolje penseelde, was gigantisch. Weyerman noemt diverse verzamelaars waar een stuk aan de muur hangt, zoals Van Mollem:
Ook konnen de Konstbeminnaars een schoone Saal, door dien grooten Konstschilder bemaalt, beschouwen tot Uytrecht, by den Heer van Mollem, verbeeldende de Historie van den Pastor Fido, of getrouwen Harder, zo boven heerlijk in het Italiaans berymt door den Ridder Guarini.
Soest in de 18e eeuw
zondag 23 januari 2011 – Eind 18e eeuw was Soest nog een klein agrarisch dorp van nog geen 1200 zielen.
De naam werd in de Middeleeuwen ook wel geschreven als: Soyse, Zoys, Suysen, Sose. Waarschijnlijk betekent Soest: bron op de grens van hoge en lage gronden, respectievelijk Utrechtse Heuvelrug en Eemvallei; of het komt van: nederzetting aan de ‘zijde-oost’ (Soest) van de Utrechtse Heuvelrug (bron: klik hier).
Het dorp is meer dan 975 jaar oud. In de loop van de achttiende eeuw lieten steeds meer kooplieden op de woeste gronden van Soest een buitenplaats bouwen (klik hier voor de geschiedenis van het nabijgelegen Soesterberg).
Over deze periode gaat het in november 2010 verschenen boek Soest in de zeventiende en achttiende eeuw van Gérard Derks en Mieke Heurneman (€ 29,95). Meer informatie en bestellen: klik hier. In een lokaal blaadje staat:
In tien hoofdstukken worden evenzovele thema’s uit de Soester historie behandeld. Aan de orde komen: een historisch-geografische beschrijving, een beeld van de bevolking, verkeer en waterstaat, middelen van bestaan, het bestuur, de kerk, het onderwijs, de gilden, de armenzorg en de herengoederen en buitenplaatsen, waar welgestelden uit de stad zomers vertoefden.
Egypte en Napoleon
woensdag 19 januari 2011 – Toen de 29-delige Description de l’Égypte verscheen (1809-1829), kon Europa eindelijk kennismaken met Egypte. Het is het meest prestigieuze boek dat ooit over dit mystieke land is gepubliceerd. Teylers Museum heeft een exemplaar van dit 7000 pagina’s tellende werk, met bovendien meer dan 3000 afbeeldingen.
In het Boekenkabinet van Teylers – normaal gesproken niet toegankelijk voor het grote publiek – is vanaf 22 januari een expositie gewijd aan dit kolossale plaatjesboek. Die is alleen op donderdag, zaterdag en zondag, op vaste tijdstippen, te bezichtigen.
Op de website van Teylers staat meer over de Description de l’Égypte (inclusief openingstijden). Citaat:
De publicatie vormt de neerslag van de ontdekkingen van wetenschappers, technici en kunstenaars die Napoleon Bonaparte vergezelden op zijn veldtocht naar Egypte. Met 35.000 manschappen, ruim 160 wetenschappers en kunstenaars en 300 schepen arriveerde Napoleon in 1798 op het Afrikaanse continent. Zijn doel – Egypte veroveren en van daaruit de groeiende macht van Groot-Brittannië breken – werd nooit bereikt. Ontberingen en aanvallen van Turken, Mammelukken en Britten maakten na drie jaar een einde aan de bezetting.
Bekijk hier alvast het gedigitaliseerde Description de l’Égypte.
Drie eeuwen drukpers in Sint Petersburg
woensdag 12 januari 2011 – De eerste gedrukte krant in Rusland was de Vedomosti. Daarvóór werd de handgeschreven Kuranty verspreid, waarvan het oudst bekende exemplaar dateert van 1621.
De eerste Vedomosti kwam op 2 januari 1703 in Moskou, op last van tsaar Peter de Grote, van de pers. Vanaf 11 mei 1711 werd de krant in Sint Petersburg gedrukt.
De courantiers waren achtereenvolgens Michail Avramov (vanaf 1711), bijgestaan door broodschrijver Fedor Polikarpov-Orlov, en Boris Volkov (vanaf 1719). In 1727 werd de Academie van Wetenschappen verantwoordelijk voor de uitgave van de Vedomosti. De krant kreeg toen een nieuwe naam die tot de revolutie in 1914 in het titelblok prijkte: Sank-peterburgskie vedomosti. In 1917 hield deze Sint-Petersburgse krant op te bestaan.
In de 18e eeuw waren de meeste berichten vertalingen of bewerkingen van kranten uit de Nederlanden of uit Hanzesteden elders uit Europa. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er in Sint Petersburg tot ver in de twintigste eeuw uitgevers, redacteuren en journalisten werkten, afkomstig uit diverse West-Europese landen.
Congres
Op 11-13 mei wordt in het Staatsmuseum voor Geschiedenis van Sint-Petersburg een congres gehouden ter gelegenheid van het 300-jarig bestaan van de Sint-Petersburgse krant, journalistiek, drukkers- en uitgeverswereld.
Het congres richt zich op de vraag in hoeverre er sprake was van wederzijdse beïnvloeding tussen de West-Europese en Russische journalistiek. Daarmee worden tegelijkertijd verschillende aspecten van de geschiedenis van boekdrukkunst in Sint-Petersburg belicht: drukkerijen en uitgeverijen, boekhandel, lezerspubliek.
Aanmelden onderwerpen: graag vóór 1 januari 2011 (of anders z.s.m.).
Toesturen abstract (0,5 pagina): voor 1 april 2011
E-mail adres: vedomosti300@mail.ru
Telefoon: 7 (911) 993-23-97
De Bataafse terreur: de betekenis van 1798
dinsdag 11 januari 2011 - Het jaar 1798 is in de Nederlandse geschiedenis hét jaar van de staatsgrepen. Op 22 januari vond de eerste plaats, gevolgd door een tweede coup op 12 juni. Deze laatste gebeurtenis bespoedigde de komst van de nieuwe democratische grondwet, die in juli 1798 werd ingevoerd.
Dit gedenkwaardige jaar is het thema van de Daendelslezing van Niek van Sas, hoogleraar Geschiedenis na 1750 (UvA). De lezing wordt georganiseerd door de Daendelsstichting (in 1995 opgericht door de laatste mannelijke afstammeling van de bekende maarschalk van Holland, Herman Willem Daendels). De stichting heeft als doel om het onderzoek en de presentatie van wetenschappelijk onderzoek naar de Patriottentijd en de Bataafs-Franse tijd te stimuleren.
Datum: vrijdag 21 januari
Toegang: € 9
Plaats: Felix Meritis, Amsterdam
14.00 deuren open, koffie
14.30 Willem Frijhoff: welkom
14.40 Peter Altena: ‘De vaderlandsche “Krygsgod” betrapt en verheerlijkt. Daendels in het Republiekeinsch Speelreisje (1795) van Gerrit Paape’
15.00 Edwina Hagen: ‘Strategische zelfpresentatie als bron van politiek succes én kritiek. Rutger Jan Schimmelpenninck, en het belang van “onbekrompen kunnen representeren”‘
15.20 pauze
15.45 Niek van Sas: ‘Bataafse Terreur. De betekenis van 1798′
16.30 borrel, in de Groote Entréekamer van de Maatschappij van Verdienste, ten spreuke voerende: Felix Meritis, thans foyer.
Bastille, ou l’enfer des vivants
maandag 10 januari 2011 – Weyerman noemde de Bastille ‘het getralyde Vagevuur van Bernaville’, genoemd naar de gruwelpraktijken van de oppercipier.
Weyerman baseerde zijn kennis van het leven in dit vagevuur op Histoire de la Bastille, van meesterspion de Renneville (klik hier voor de vertaling, 1717). Een kort citaat over de perverse bewaker Bernaville:
Eenige gevangene hadden ettelyke duiven gegreepen, die in hunne kamer waren koomen vliegen, deze haddenze briefjes onder de vleugelen gebonden en dus weder laten vliegen, om op deze wyze kennisse aan hunne nabestaande te geeven van de plaets waarin zy opgeslooten waren. Bernaville kwam’er agter, en om dit in ‘t toekomende te beletten, deed hy al de duiven, nevens diewelke haar nesten rondsom de Bastilje hadden, dooden. Ook liet hy al ‘t gevogelte dat in de tuin vloog met een roer doodschieten, de vroolyke vinken, en betooverende nachtegaaltjes wierden zelfs niet verschoond; het lieffelyk geluit van Philomele kon de herdigheit van Bernaville niet vermurruwen: hy deed alles sterven zelfs tot de winterkoninkjes.
De gehate en gevreesde vesting raakte na de bestorming op 14 juli 1789 in verval en werd uiteindelijk gesloopt. Over de gevangenis gaan wilde verhalen. Het was er een hel, schrijft de een. Een luxe gevangenis waar de gevangen dagelijks twee flessen wijn kregen geserveerd, schrijft de ander.
De expositie over de Bastille in de Bibliothèque de l’Arsenal (Parijs) geeft er uitsluitsel over. Te bezichtigen tot 11 februari 2011. Klik hier voor meer informatie.