Abonneren
Voor abonnementen en het bestellen van losse afleveringen kunt u een e-mail sturen naar de secretaris. Zie verder de pagina Contact.
Register
Er bestaat een register op persoons- en plaatsnamen voor de jaargangen 1 t/m 23. Dit document is nog in wording maar kan hier alvast worden bekeken.
Laatste aflevering
De inhoudsopgave van het winternummer van 2012 kan hier worden bekeken.
MedJCW 35 (2012) 1
- Joke Spaans, ‘Anti-katholieke satire in vroeg-achttiende-eeuwse spotprenten’
- Rietje van Vliet, ‘Debunking de Fransman. De “gediskarteerde courantier” François Michel Janiçon’
- Anton Bossers, ‘Rondom het kunstgenootschap Nil Volentibus Arduum: enkele observaties’
- Jos Koning, ‘Oorlog in de danszaal? Herkomst en gebruik van marsmuziek in de burgersamenleving’
- Jac Fuchs, ‘Drie maritieme voetnoten bij het werk van Weyerman’
- Laurien Hansma, ‘De strijd van de orangist Cornelis van der Aa in de Bataafse Republiek (1795-1798)’
MedJCW 34 (2011) 2
Deze aflevering bevat ongepubliceerde artikelen uit de nalatenschap van André Hanou, een van de oprichters van het JCW (zie ook Bibliografie André Hanou):
- ‘Woord vooraf’
- ‘Utrechts kabaal. De Secrete Correspondentie (1720-1721), de Noodige Aanmerking (1721) en hun schrijvers’
- ‘De geleerdentijdschriften van Marten Schagen, I’
- ‘De geleerdentijdschriften van Marten Schagen, II’
- ‘De geleerdentijdschriften van Marten Schagen, III’
- ‘Vrienden en vrouwen van Paulus van Hemert. Documenten over het leven van Nederlands bekendste wijsgeer rond 1800′
- ‘Kinkers jeugd’
- ‘”Goede morgen, landgenoten!” Opmerkingen over het leesmilieu van de Janus Verrezen (1795-1798)’
- André Hanou en Lou Spronck, ‘”Waarde vriend! Weder eene jeremiade uit Patmos”. Aanvullingen op de briefwisseling Kinker’
MedJCW 34 (2011) 1
- Peter Altena, ‘André Hanou (1941-2011), onvermoeibaar optimist’
- Jozien J. Driessen van het Reve, ‘Hoe Nicolaas Bidloo (1673/4-1735) de medische cultuur van Amsterdam naar Moskou bracht’
- Jac Fuchs, ‘Het verschrikkelijk konterfeytsel. Over de plek waar Weyerman bok schoot’
- Willemien Schenkeveld i.s.m. Anna de Haas, ‘“Abbandonné de tout excepté de mon courage”. Enkele ongepubliceerde brieven van Etta Palm (1743-1799)’
- John Besseling, ‘De levensloop van Johanna Turner en de ondergang van het Amsterdamse hattemisme’
MedJCW 33 (2010) 2
- Jan Bruggeman en Jac Fuchs, ‘”Altoos bestulpt met oude boeken, en gedompelt in vermufte papieren.” Onderzoek naar de bronnen en het auteurschap van Het Oog in ‘t Zeil’
- Rietje van Vliet, ‘Literaire anarchie. Hermanus Coster en het andere Oog in ‘t zeil’
- Wim Knoops, ‘Gouda in 1784. Een “duivelse” schrijver voor de prins ontmaskerd’
- Jos Koning, ‘Pluggen en pluggedansen in Amsterdamse muziekuitgaven, 1700-1780’
- Steven de Joode, ‘”Duister en met reden verdagt”. Berend Hakvoord (1660-1730) en De schole van Christus’
- Pieter van Wissing, ‘Tussen beschaafde dichtkransers en woeste Hottentotten. Aletta Beck (1667-1752), een Arnhemse in Zuid-Afrika’
.
MedJCW 33 (2010) 1
- Piet Schrijvers, ‘Weyerman over Lucretius en andere atheïstische pesten’
- Rick Honings, ‘”Dat lasterschrift! – helaas! – moest nog te voorschyn komen”. Over het antistadhouderlijke pamflet De Oranjebomen (1782)’
- Katie Heyning, ‘Een buitenplaats als liefdesnest?’
- Marloes Mulder en Pieter Ruige, ‘”Met ter zydestelling van alle eigenbelang”. Eigenbelang als politieke doodzonde in de Eerste Nationale Vergadering 1796-1797’
- Elly Groenenboom-Draai, ‘“Zwavelstokjes Rymer & Zn.”. De Dordts-Rotterdamse dichter Kornelis van Koeverden en zijn zoon Abraham’
- Anna de Haas, ‘Het mysterie van de “enfans du sr. Frederic”. Onthullingen over een toneelfamilie’
.
MedJCW 32 (2009) 2
- Sytze van der Veen, ‘Schuld en boete van een vervalser: George Psalmanazar (1679-1763)’
- Arjen Dijkstra, ‘De opleiding van Friese edelen. Vier Vegelins van Claerbergen aan de Franeker universiteit’
- Jac Fuchs, ‘Weyermans Kartuizer: een jezuïet in vermomming. Jacob Campo Weyerman, William Johnson en Owen Feltham’
- Rietje van Vliet, ‘Veemgerecht. De Marsyas-bende van Frans van Lelyveld’
- Stef Jacobs, ‘De schimmen van burger Sade’
- Ton Jongenelen, ‘Aan het volk van Nederland’
- Peter Altena, ‘Een “mediocre post” voor een bijzonder man! Hoe Jacob Haafner in 1798 een baan zocht en niet vond’
MedJCW 32 (2009) 1
- Anna de Haas, ‘Kinderen op het toneel van de achttiende eeuw: wonderkinderen of toneelspelers in opleiding?’
- Dini M. Helmers, ‘Catharina Rebecca Woesthoven: een kwaadaardig mens?’
- Jac Fuchs, ‘“To give you a thorough insight shall be the scope of these successive Sheets”. Enige nieuwe aanmerkingen over Weyermans Historie des Pausdoms‘
- Clazina Dingemanse, ‘”Iet nieuws, nut, en vermakelijks”. Weyermans Vermakelyk Wagen-Praatje in het licht van de traditie van praatjespamfletten (1600-1750)’
- Rietje van Vliet, ‘Het stoffige bestaan van een fraaie winkeldochter. Het schildenboek van Biagio Garofalo’
.
MedJCW 31 (2008) 2
- André Hanou, ‘Mandeville en zijn Fabel van de bijen’
- Amber Delhaye, ‘Met vrijheidshoedje! Een gravure van Reinier Vinkeles bij De Hollandse natie van J.F. Helmers’
- Cis van Heertum, ‘Een libertijnse littérateur over Spinoza: Jean François Dreux du Radier’
- Ton Jongenelen, ‘O so mooy! o so fraay! o so curieus! De Lanterne magique (1782-1783)’
- Joop W. Koopmans, ‘Tussen Doggersbank en Daendels. De politieke pers als vriend voor het vaderland’
- Wa.R.D. van Oostrum, ‘De Lannoy’s keizerinnengift en Europese faam’
- Myriam Everard, ‘Jan Willem Jacobus van Goor, krullenjongen in de vertaalfabriek van de Weduwe Dóll’
- André Hanou, ‘Poot moest dood’
- Camiel Hamans, ‘Frans Hemsterhuis’ geestelijk huwelijk: een Socrates in de achttiende eeuw’
MedJCW 31 (2008) 1
- Frans Thuijs, ‘Misdaadverslaggeving in de achttiende eeuw: de criminele biografie’
- Sytze van der Veen, ‘De Leidse boekhandelaars Luchtmans: gedegen Verlichting, 1683-1848′
- Rietje van Vliet, ‘Weyerman als ideale lezer van het vertoog over de drie bedriegers’
- Gerard Schelvis en Kees van der Vloed, ‘Jenever en wind. Het leven van Robert Hennebo’
- Anton Bossers, ‘Bij de presentatie van de nieuwe uitgave van Weyermans Talmud‘
- André Hanou, ‘Kinderen Davids bij Weyerman. Van “Hebreeuwse onkruiden” naar “vyfde weezentheit”‘
- André Hanou, ‘Het raadsel in de Janus Verrezen’
- André Hanou, ‘Mandeville en Focquenbroch’
MedJCW 30 (2007) 2
- Geert Van den Bossche, ‘Het walsje van de keizer met de boerin. Verschillende dimensies van de Brabantse Revolutie (1787-1790)’
- Edward T. Larkin, ‘Johann Pezzl’s Faustin. An idealised, historical appeal for Enlightened practice’
- André Hanou, ‘Naar de maan met Kinker in 1838 – II. Een kladbrief en een onbekende imaginaire reis’
- Joop W. Koopmans, ‘Weyerman in Westdongeradeel? Een ontmoeting met de Friese edelman Hessel Aylva, circa 1734′
- Fred Vogelzang, ‘Weyerman in IJsselstein. Op zoek naar “De Gulden Wagen”‘
- Jan Bruggeman, ‘Het tijdschrift Het schouwburg der hartstogten van Jacob Campo Weyerman’
MedJCW 30 (2007) 1
- Frans Thuijs, ‘Op zoek naar de ware Jaco. Jacob Frederik Muller (1680-1718), zijn wereld, zijn berechting en zijn leven na de dood’
- Ton Jongenelen, ‘Een oude bekende van Weyerman in Middelburg’
- Sytze van der Veen, ‘Serendipiteit. Dood voorgeslacht en de boom des levens’
- Rietje van Vliet, ‘Klein Jan. De bard van de Botermarkt’
- Jan Bruggeman, ‘Een nieuw portret van Jacob Campo Weyerman’
- Peet Theeuwen, ‘Willem van Irhoven van Dam (1760-1802). Impressies van een Staphorster Indiana Jones en zijn kruistocht door politiek en letteren’
- André Hanou, ‘Naar de maan met Kinker in 1838 – I. Een kladbrief en een onbekende imaginaire reis‘
MedJCW 29 (2006) 2 – Special De andere achttiende eeuw. Opstellen voor André Hanou
- Karel Bostoen, ‘Roddel en achterklap in de letteren. Een tipje van de sluier rond het tweede en derde deel van de Schimp- en hekeldigten (1707) opgelicht: auteurschap van Jan van Hoogstraten en uitgeverspraktijken van Pieter van der Veer’
- Elly Groenenboom-Draai, ‘De min onder de kerkelingen. Jan van Hoogstratens wraakoefening op Salomon van Til: een “vrijgeest” in botsing met een coccejaan’
- Pim van Oostrum, ‘Trammelant rond de theestoof: over de sekse van thee (en koffie)’
- Jan Bruggeman, ‘De kronyk der paruyken. Een nooit verschenen werk van Jacob Campo Weyerman’
- Marja Geesink en Anton Bossers, ‘Weyermans Talmud: een vluggertje’
- Ton Jongenelen, ‘Een prettig gestoorde achttiende-eeuwer. Pieter Bakker (1703-1761) en De godsdienst zonder bijgeloof‘
- Peter Altena, ‘Bijzondere brieven aan “Weleerwaarde”. Over De aristocraat en de burger(1785) en De gewapende burgercorpsen en de antipatriottische geestelyken (1785) van Gerrit Paape’
- Pieter van Wissing, ‘De kwaadaardige bedrijven van Philippus Verbrugge (1750-1806)’
- Arianne Baggerman, ‘”Alles kan gebeuren”. Het verborgen tweede leven van Jacob Eduard de Witte’
- Jan A.M. Snoek, ‘”De vele énorme en schreeuwende faiten teegen de broederschap begaan” door [John] George Smith (ca. 1728-ca. 1785)’
- Anton van de Sande, ‘Telemachus en Nestor. Enkele kanttekeningen bij de maçonnieke verwantschap tussen prins Frederik en Jan Kinker in de jaren 1816-1818′
- George J. Vis, ‘Vorm of inhoud? Jan Kinker aan het woord temidden van anderen’
- Marleen de Vries, ‘Loflied op de gevoelige man’
- Inger Leemans, ‘”Ein wahres Phänomen von neuem Weltkörper”. Het tijdschrift De ster: van wereldburger tot pacifist’
- Geert Van den Bossche, ‘Nederland gidsland? Het Noorden in de legitimering van de Brabantse Revolutie’
MedJCW 29 (2006) 1 – Special Vaderlandsche Letteroefeningen
- Karina van Dalen-Oskam en Suzan van Dijk, ‘De Vaderlandsche Letteroefeningen online! Nieuw onderzoeksperspectief: de contemporaine receptie van vergeten schrijfsters’
- Edwina Hagen, ‘Het gewone getjank. Antipapisme in de Vaderlandsche Letteroefeningen, 1761-1811′
- Almut Sommer, ‘Duitse boeken in Nederland rond 1800. De Vaderlandsche Letteroefeningen als filter’
- Marcoen Sprenger, ‘”Een met het gezond verstand strijdig stelsel”. De receptie van de homeopathie in de Vaderlandsche Letteroefeningen‘
- André Hanou, ‘Van Cousheda tot Bliktri’
.
.
MedJCW 28 (2005) 2
- Marleen de Vries, ‘Pieter Meijer (1718-1781), een uitgever als instituut’
- Anna de Haas, ‘Feit en fictie rond de “Aretijnse” prenten van Romeyn de Hooghe (1645-1708)’
- Carlien Jung, ‘Reinier Vinkeles (1741-1816). Groot kunstenaar en eigenzinnige achttiende-eeuwer’
- André Hanou, ”Bilderdijks brieven (1836-1837)- Kinker leest zich warm’
- Ton Jongenelen, ‘De teloorgang van het goede boek. Kreeg Elie Luzac bijval van de auteur van De Koopman?’
.
.
MedJCW 28 (2005) 1
- Viktoria Franke, ‘Het stokpaardje van een hoogleraar en regent in ruste. R.M. van Goens (1748-1810) en de psychologie’
- Frank van Lamoen, ‘Het losgeraakte spiegelbeeld van Willem van Swaanenburg’
- Ton Jongenelen, ‘Gehaat bij vriend en vijand. De patriotse drukker Harmanus Koning’
- André Hanou, ‘Balsemiek! Olipodrigo over voedsel bij Elisabeth Wolff en anderen’
- Joop W. Koopmans, ‘J.C. Weyerman in de Mededelingen: een veelkleurig palet’
- Pieter van Wissing, ‘Landdagrecessen. Waarom weduwen niet te haastig moeten hertrouwen’
- Peter Altena, ‘Gezelschap dubbel waardig’
MedJCW 27 (2004) 3 – Special Onbreekbare Burgerharten
- Peter Altena en Myriam Everard, ‘Onbreekbare Burgerharten. Van “twee ouwe tooverlantaarns” tot monumenten van het vaderland’
- Mieke Aerts, ‘“Een rondedans om het gedenkstuk”. Wolff en Deken als nationaal monument’
- Simon Vuyk, ‘Konijnenburgs lofrede op Wolff en Deken (1805)’
- Theo van der Meer, ‘De profundis. Grafschrift voor Wolff en Deken ten voordele van een (gewezen) sodomiet’
- Ellen Krol, ‘Vijftig jaar behoefte aan “vast, zedelijk voedsel”. De Wolff- en Dekentraditie in de literaire kritiek van 1786 tot 1836′
- Olof Praamstra, ‘Wolff & Deken herschreven. Conrad Busken Huet over Sara Burgerhart en Willem Leevend (en zijn grootmoeder)’
- Lizet Duyvendak, ‘“Lezen om verstandiger te leren denken en doen”. Wolff en Deken in het Haagse Damesleesmuseum’
- Maria Grever, ‘Tantes met hart en ziel. Wolff en Deken in de ogen van Johanna Naber’
- Peter Altena, ‘De vele levens van Betje Wolff en Aagje Deken. Over Dapper vrouwenleven (1954) van Ha.C.M. Ghijsen en Wolff en Deken (1984) van P.J. Buijnsters’
- Joost Kloek, ‘Wel Sara, niet Willem en Cornelia’
- Wa.R.D. van Oostrum, ‘Wolff & Deken in fictie bij Haasse en ‘t Hart’
- Ton Jongenelen, ‘Betje Wolff als Dortsma’s dochter. Vermomming in de Brieven van Constantia Paulina Dortsma (1776)’
- Myriam Everard, ‘Spraken Wolff en Deken Hongaars? To bliktri, Wollstonecraft en andere raadsels in de Wolff-en-Dekenstudie’
- Joost Rosendaal, ‘Vrouwen op de vlucht. Patriotse vrouwen in ballingschap’
- Edwina Hagen, ‘Aagje Dekens Offerande aan het vaderland (1799). Godsdienst en de zedelijke invloed van de “Bataafsche vrouwen”‘
- Wa.R.D. van Oostrum, ‘Elizabeth Bekkers afscheidsbrief Aan eene vriendin, hoogzomer 1799′
- Elisabeth Bekker weduwe Wolff, ‘Aan eene vriendin’
- P.J. Buijnsters, ‘Afscheid van Wolff en Deken’
- Lia van Gemert, ‘Een toekomst voor Wolff en Deken’
MedJCW 27 (2004) 2
- Ton Jongenelen, ‘De Keurdigten. Het levenswerk van Pieter van der Goes, boekverkooper’
- Jan Bruggeman, ‘Dominee Petrus Santvoort, leermeester van Jacob Campo Weyerman’
- Frans Wetzels, ‘De schilderende dominicaan Jacob Sucquet (1662-1714)’
- Myriam Everard, ‘De vrolijke gelegenheidsdichter en de dominee’
- Simon Vuyk, ‘Drie remonstrantse predikanten als broodschrijvers’
- Jan de Vet, ‘Bericht “uit de polder”. Notities naar aanleiding van het antwoord van Rina Knoeff op bezwaren tegen haar dissertatie’
- Kees ‘t Hart, ‘Suikerbroden. Reactie op de recensie van Ter navolging‘
- André Hanou, ‘Broodje Wolff’
.
MedJCW 27 (2004) 1
- Peter Altena, ‘”Ma plume m’en fera raison”. Vervolg op de levensbijzonderheden van Jacob Campo Weyerman en Johan Hendrik, baron van Syberg’
- Jan Bruggeman, ‘De Redenvoering over het geheugen compleet teruggevonden’
- Joop W. Koopmans, ‘Jacob Campo Weyerman en de (vrouwen) krant’
- Riet Hoogma, ‘Een schilderij van Weyerman in Parijs’
- Rietje van Vliet, ‘Sichterman, Weyerman en Kersteman’
- Marcel te Wilt, ‘De onderwijscarrière van Franciscus Lievens Kersteman’
- André Hanou, ‘Een dood van Klaas Hoefnagel’
.
MedJCW 26 (2003) 3 – Special Amerikaanse Revolutie en de Republiek
- Rudolf Dekker, ‘Amerika als hemel op aarde. De opkomst van de utopie in Nederland’
- Arianne Baggerman, ‘De vele gedaantes van een boer uit Pennsylvania. Nederlandse reacties op Crèvecoeurs Letters from an American farmer‘
- Gijs Kuijper, ‘Van voorbeeld tot vergetelheid. Amerika in Nederlandse publicaties’
- Anna de Haas, ‘Perikelen rond de geboorte van een republiek. Nederlandse toneelschrijvers over Amerika’
- Arianne Baggerman en Rudolf Dekker, ‘Bacteriologische en chemische oorlogvoering tijdens de Amerikaanse Vrijheidsstrijd’
- Rietje van Vliet, ’1756-1757- Elie Luzac geeft de republikeinse Cato’s letters uit [incl. bijlage met biografie Lodewijk Dodo Nassau la Leck]’
- Diederick Slijkerman, ‘Van Hogendorps schatplichtigheid aan de Amerikaanse Revolutie’
MedJCW 26 (2003) 2
- Joop W. Koopmans, ‘Jan Goeree en zijn ontbrekende titelgedichten in de Europische Mercurius (1713, 1718, 1719 en 1727)’
- André Hanou, ‘And now for someone completely different. Pieter Boddaert Junior’
- Ton Jongenelen, ‘Mordechai. Illusie en werkelijkheid in het spectatoriale blad De Koopman‘
- Antoon Erftemeijer, ‘“Gestolen Veêren”. De kunstenaarsanekdotes van Jacob Campo Weyerman’
- Angela Zengers, ‘De Almanak voor vrouwen door vrouwen‘
.
.
MedJCW 26 (2003) 1
- André Hanou, ‘Voorwoord’
- Jonathan I. Israel, ‘Teylers Lecture on Radical Enlightenment’
- Wiep van Bunge, ‘Philopater, de radicale Verlichting en het einde van de Eindtijd’
- Jan de Vet, ‘Spinoza’s “systema” afgewezen in de Examinator. Een moralist in het geweer tegen de cartesiaanse erfenis en op de bres voor de “proefkundige demonstreerwys”‘
- Frank van Lamoen, ‘”Luijk wollte sein Annige auf den thron haben”. Jan Luyken in de ogen van Johann Georg Gichtel’
- André Hanou, ‘Weyerman en de Vrijmetselarij. Een bouwsteen’
- Anna de Haas, ‘Iets over de Schiedamse Saturnus (1713-1714) van Cornelis van der Gon (1660-1731)’
MedJCW 25 (2002) 3
- Wa.R.D. van Oostrum, ‘Alleen nog maar vragen bij Weyermans’ blijspel De Hollandsche Zin(de)lykheyt‘
- Ellen Grabowski, ‘J.F.M. Sterck “revisited” : een galante actrice’
- Edwina Hagen, ‘Kloosterdwang. Theater, antipapisme en nationaal besef (ca 1770-1800)’
- Anna de Haas, ‘Vrijheid, geloof en liefde: Nederlandse treurspeldichters en Voltaire’
.
.
.
MedJCW 25 (2002) 2
- Jeroen Blaak, ‘Informatie in een ander tijdperk. Nieuws in het dagboek van Jan de Boer (1747-1758)’
- Ulrike Sawicki, ‘”Schrijven wat er in mijn hart omgaat.” Pieter van Zuylen-van Nijevelt (1779-1801?) als deelnemer aan het sentimentalistische discours’
- Rudolf Dekker, ‘Upstairs en downstairs. Meiden en knechts in het dagboek van Constantijn Huygens jr.’
- Wa.R.D. van Oostrum, ‘Hoe komt Van Effen in 1732 aan een ambt?’
- Jan Bruggeman, ‘Het vertoog over de koppelkunde’
.
.
MedJCW 25 (2002) 1
- Leen Spruit, ‘Raimondo de Sangro’s Lettera Apologetica. Radicale Verlichting in achttiende-eeuws Napels’
- Michiel Wielema, ‘Frederik van Leenhof, een radicale spinozist?’
- Frank Peeters, ‘Leven en bedrijf van Timotheus ten Hoorn (1644-1715)’
- Barbara Sierman, ‘Twee pistolen uit De Vaart’
.
.
.
.
MedJCW 24 (2001) 3
- Eva Boom, ‘”In de smaak van een Haaze saus”. Weyermans denkbeelden over kunst’
- Ben Broos, ‘Weyerman en Wackerbaart’
- Jan Bruggeman, ‘Aanvullingen op “… als zodaanig in de openbaare Nieuwspapieren Geadverteerd”‘
- Peter Altena, ‘Hekelschrijver in de Vecht. Een onbekende episode uit het leven van Jacob Campo Weyerman in Breukelen’
- Joost Kloek, ‘De onbekende werkelijkheid van Doctor Schasz. Of: De Enigma-variaties van Gerrit Paape’
- André Hanou, ‘Bij het portret van Claus van Laar’
.
MedJCW 24 (2001) 2
- Arianne Baggerman, ‘Stank voor dank. Broodschrijvers in dienst van de Dordtse uitgeversfirma A. Blussé en zoon’
- Myriam Everard, ‘In en om de (Nieuwe) Bataafsche Vrouwe Courant. Het aandeel van vrouwen in een revolutionaire politieke cultuur’
- Wa.R.D. van Oostrum, ‘De Oprechte Onvervalschte Laplandze Courant‘
- Peet Theeuwen, ‘Een fictieve broodschrijver. Pieter ‘t Hoen en het vroege oeuvre van J.A. Schasz M.D.’
- Ton Jongenelen, ‘De volmaakte Hollandse broodschrijver Jan Willem Claus van Laar’
.
.
MedJCW 24 (2001) 1
- Frank van Lamoen, ‘Est Deus in nobis! Over Swaanenburg en Ludeman’
- Bart Wijmans, ‘De openbaring van Ludemans gnosis’
- Rietje van Vliet, ‘”… als zodaanig in de openbaare Nieuwspapieren Geadverteerd. Weyerman in cadeauverpakking II’
- Riet Hoogma, ‘Weyerman en Caligula’
- Frank Peeters, ‘Timotheus ten Hoorn, uitgever van de Europische Mercurius‘
.
.
.
MedJCW 23 (2000) 3
- Joop W. Koopmans, ‘De presentatie van het nieuws in de Europische Mercurius (1690-1756)’
- Rudolf Dekker, ‘De rafelrand van het zeventiende-eeuwse hofleven in het dagboek van Constantijn Huygens de zoon. Roddel en seks’
- Rietje van Vliet, ‘”… als zodaanig in de openbaare Nieuwspapieren Geadverteerd” – I. Weyerman als publiekstrekker’
.
.
.
MedJCW 23 (2000) 2
- Ellen Grabowsky, ‘Katharina Lescailje (1649-1711) en de “vrouwenzucht”. Schijn of werkelijkheid?’
- Rietje van Vliet, ‘Uitgever en schrijvers als kemphanen tegenover elkaar. Elie Luzac, uitgever van de academie van wetenschappen te Gottingen (1754-1756)’
- Rudolf Dekker, ‘De rafelrand van het zeventiende-eeuwse hofleven in het dagboek van Constantijn Huygens de zoon. Magie en toverij’
.
.
.
MedJCW 23 (2000) 1
- W.F. Visser, ‘Peter de Grote en Zaandam’
- G.W. van der Meiden, ‘Een lofdicht op Peter de Grote’
- Riet Hoogma, ‘Peter de Grote en de Russen in het werk van Jacob Campo Weyerman’
- A.H. Huussen jr., ‘Impressies van Nederlands-Russische contacten in de zeventiende en achttiende eeuw’
- Jan Bruggeman, ‘Het debuut van Jacob Campo Weyerman’
.
.
.
MedJCW 22 (1999) 3
- André Hanou, ‘Brief van een Amsterdammer aan een Rotterdammer, januari 1801. Tijd en toekomst in het eeuwfeest van Jan Kinker’
- Cis van Heertum, ‘Philipp Joseph Frick (1742-1798). Music and millenarianism in the late eighteenth century – II’
- Frank van Lamoen, ‘Chiliast contra stadhouder: Johannes Rothe (1628-1702)’
- Frans Wetzels, ‘Onbekwame geneesheren in Abdera’
- Simon Vuyk, ‘Pieter van Woensel op het seminarium der remonstranten te Amsterdam (1764-1766)’
MedJCW 22 (1999) 2
- M.A. van der Heijde-Zomerdijk, ‘The development of public concerts during the late seventeenth and eighteenth centuries’
- N. Klinkeberg, ‘Liefhebbers en meesters. Een samenspel tot bevordering der toonkunst 1770-1840′
- Cis van Heertum, ‘Philipp Joseph Frick (1742-1798). Music and millenarianism in the late eighteenth century – I’
- Jan Bruggeman, ‘De Redenvoering over het geheugen. Een onbekend werk van Weyerman’
MedJCW 22 (1999) 1
- Lotte van de Pol, ‘Jacob Campo Weyerman en de prostitutie van zijn tijd’
- Sytze van der Veen, ‘JCW en JWR: reconstructie van een gemiste kans’
- André Hanou, ‘De Modese Groltrompetter (1741)’
MedJCW 21 (1998) 3
- Pieter Breman, ‘Dirk Kuipers (1733-1796), onverbeterlijk kunstenaar’
- Peter Altena, ‘”Geen stervling deed ooit zulk een “smak”. Dirk Kuipers en De historie en het Einde der Luchtbollen (1786)’
- Jan Bruggeman, ‘De betekenis van het woord “theebriefje”‘
MedJCW 21 (1998) 2
- Ton Jongenelen, ‘De waarneming als constructie. Sodomie en rechtsvervolging in Amsterdam in de achttiende eeuw’
- Jozef Smeyers, ‘Achttiende-eeuws Brussel: taal en literatuur’
- Frans Wetzels, ‘Campisten op weg naar de wilhelmieten in Huijbergen’
MedJCW 21 (1998) 1
- Maarten Gaillard, ‘De zaak Weyermars of: de ingebeelde tolerantie in de Republiek?’
- Annemarie Fennema, ‘François Valentijns Oud en Nieuw Oost Indien‘
- André Hanou, ‘De emigrant, amusant [1793]‘
- Jan Bruggeman, ‘Literaire chinoiserie in het werk van Jacob Campo Weyerman’
MedJCW 20 (1997) 3
- Frank van Lamoen, ‘In de geest van Lucianus’
- Marco de Niet, ‘”De pynbank van een vruchtelooze Verwachting”. Weyerman en de kwellingen van Jacobus III’
- Adèle Nieuweboer, ‘Weyerman tussen macchiavellisme en vrijdenkerij?’
- Rudolf Dekker, ‘Weyerman tussen Van Overbeke en Derrida, De samenspraak tussen Kidi en Saaki’
- Rietje van Vliet, ‘Glazige weiden. De samenspraak tussen Balsamina en de steenbok’
- Barbara Sierman, ‘Weyerman en Wolsey’
- Marja Geesink, ‘”Verscheyde Byzonderheden, tot nog toe by geen schryvers aangeraakt”. Weyerman en Isaac Bullart’
- Ton Broos, ‘Schilderachtige portretten’
MedJCW 20 (1997) 2
- André Hanou, ‘Urk of Babel. Revolutionairen in Paapes De knorrepot en de menschenvriend (1797)’
- Adèle Nieuweboer, ‘De Vrolijke reis van Gerrit Paape. Een uitstapje naar de achttiende-eeuwse vertaalpraktijk’
- Frans Wetzels, ‘Schoolmeesters en schoolmeesteressen in Breda’
MedJCW 20 (1997) 1
- Frans Grijzenhout, ‘Troost en Weyerman’
- André Hanou, ‘De wereld van Cornelis de Bruijn’
- Marleen de Vries, ‘Iets over Weyermans humeur’
- Jean Jordaan, ‘Die onbenullige skelm: Fransiscus Lievens Kersteman’
- Paul J. Smith, ‘Hendrik Doedijns en de gekookte sleutels van Rabelais’
MedJCW 19 (1996) 3
- Birgit van der Zijde, ‘Gysbert Tysens (1693-1732), Een broodschrijver in de achttiende eeuw’
- Jan Bruggeman, ‘De datering van Weyermans portret’
- Bianca Nesselaar, ‘Een Leidse student op vrijersvoeten’
MedJCW 19 (1996) 2
- Karel Bostoen, ‘Verzamelaars, bezitters, lezers van Weyermaniana in de achttiende eeuw‘
- Elly Groenenboom-Draai, ‘De schele droes op drift, Jan van Hoogstraten aan IJssel, Waal en Maas – epiloog’
- Dennis Schouten, ‘De uitvaart van Hendrik Kannegieter’
- Mandy Ruthenkolk, ‘De waaier van Jorina Schim’
MedJCW 19 (1996) 1
- Marco de Niet, ‘”Ezongen dat et over den diek dreunde”. Zang- en dichtkunst in het achttiende-eeuwse Maassluis’
- Peter Altena, ‘Stof van Dichterspennen, Hermafroditisme en travestie in letteren en leven in de achttiende eeuw’
- Jan Bruggeman, ‘De titelprent van De Konst-schilders‘
- Frans Wetzels, ‘Demokriet en Herakliet tussen de Konstschilders‘
MedJCW 18 (1995) 3
- Elly Groenenboom-Draai, ‘De schele droes op drift. Jan van Hoogstraten aan IJssel, Waal en Maas – II’
- Marleen de Vries, ‘Over bindingsangst bij Weyerman’
- André Hanou, ‘Jan Pieter van der Steen (1772-..). Een andere Weyerman’
MedJCW 18 (1995) 2
- Elly Groenenboom-Draai, ‘De schele droes op drift. Jan van Hoogstraten aan IJssel, Waal en Maas – I’
- Joris van Eijnatten, ‘In horoscopo spectandae. Willem Bilderdijk en de astrologie, 1790-1797′
MedJCW 18 (1995) 1 – Special Don Quichot
- Maxim P.A.M. Kerkhof, ‘Cervantes in de Nederlanden tot 1746′
- Rietje van Vliet en Marco de Niet, ‘Van ridders en andere Dordtse helden. De Don Quichot-vertaling van Lambert van den Bos’
- Daniel Horst, ‘De prenten in de Don Quichot-bewerking van Jacob Campo Weyerman’
- José de Kruif, ‘Voornaamste gevallen in folio en kwarto. De Don Quichot-uitgaven van Pieter de Hondt’
- J. Lechner, ‘Vertaler, bewerker, bederver: Jacob Campo Weyerman en Don Quijote‘
- Meike Broecheler, ‘”Mijne bedoeling is altoos geweest iedereen goed en niemand kwaad te doen”. De Don Quichot-vertaling van Pieter van Woensel’
MedJCW 17 (1994) 3
- André Hanou, ‘Over de literatuur van de achttiende eeuw’
- Frans Wetzels, ‘De vagevuur-sprookjes van C.C. Vrancx en Jacob Campo Weyerman’
- Peter Altena, ‘Kees is t’huis en loon na werk. Over de belegering van ‘s Hertogenbosch (1795) van Gerrit Paape’
- Sara Stel-van Staalduinen, ‘”Feilen zijner eeuw”, De zeven hoofdzonden in De Rotterdamsche Hermes van Jacob Campo Weyerman’
MedJCW 17 (1994) 2
- Jan Parmentier, ‘Weyerman, Peter de Grote en Lodewijk XV, reizen met de barge tussen Brugge en Gent’
- Peter Altena, ‘In een laarslade, Jacob Campo Weyerman en de blauwe trekschuit’
- Marleen de Vries, ‘Weyerman klassiek?’
- Marieke Vierstra, ‘”Een onwilligen glimlach”. Iets over het werk van de 18de-eeuwse voordrachtkunstenaar Arend Fokke Simonsz’
- Adèle Nieuweboer, ‘Naschrift bij het Arminiusnummer’
MedJCW 17 (1994) 1
- Rob Beentjes, ‘”… En de man hiet Jan van Gyzen”. Een verslag van twaalf jaar lief en leed in Jan van Gysens Weekelysche Amsterdamsche Merkuuren (1710-1722)‘
- Barbara Sierman, ‘Relaties van Weyerman’
- Adèle Nieuweboer, ‘Een driehoeksverhouding? Anacreon, Ifis en Campo’
MedJCW 16 (1993) 3
- Peter Altena, ‘Abderiet in Threcut, Utrechtse notities over leven en werk Jacob Campo Weyerman’
- Maarten van der Tol, ‘Wat ging er om in Het Koffy-huis der Nieusgierigen? Vergeten periodiek (1744-1746) werpt nieuw licht op het achttiende-eeuwse koffiehuis’
- André Hanou, ‘Weyerman en “Demokriet”‘
MedJCW 16 (1993) 2
- Theo van der Meer, ‘Grouwelen onzer eeuwe. Jacob Campo Weyerman en de sodomietenvervolgingen van 1730′
- Gérardine Maréchal, ‘Campo en de computer – II. Van droombeeld naar droomtekst’
- Frans Wetzels, ‘Met Weyerman naar Santiago de Compestella’
MedJCW 16 (1993) 1
- Arie A. Manten, ‘De Clapstraat te Breukelen’
- Jan Willem Gunningh, ‘Jacob Campo Weyerman en het huis van Jacob Lindenbergh’
- André Hanou, ‘Drie patriotten-auteurs in de loge’ en een aanvulling
- Marco de Niet, ‘De bewooners der twaalf Zodiakx Herbergen’
- Peter Altena, ‘Campo Revolutionair?!’
MedJCW 15 (1992) 3
- Peter Altena, ‘”Ligt op de Kandelaar”. Het maçonnieke verraad van Jacob Campo Weyerman en Thomas Woolston en de mystificaties rond het “genootschap van uitgepikte mannen”‘
- André Hanou, ‘Opmerkingen over Weyermans Zeldzaame Leevensbyzonderheden van Laurens Arminius‘
- Meike Broecheler, ‘Vrijmetselarij in de Zeldzaame Leevensbyzonderheden‘
- Judith Eiselin, ‘”Achterklap is des Satans Magazyn”. De personages in de Zeldzaame Leevensbyzonderheden van Jacob Campo Weyerman’
- Mandy Ruthenkolk, ‘De baatzuchtige dame en haar zwakke man. Vogelbeeldspraak in Weyermans Zeldzaame Leevensbyzonderheden‘
- Chris van de Wetering, ‘De jeugdjaren van Robert Hennebo’
- Liselot van Heesch, ‘Kornelis van Koeverden’
- Daniëlle Geuke, ‘Laurens Arminius en zijn “byzonderheden”‘
- Nico Huijberts en Martin Zuithof, ‘Barend Das (1704-1783), boekverkoper bij de Dam’
MedJCW 15 (1992) 2
- T. Schoonheim, Rob Tempelaars en Dick Wortel, ‘Over het Woordenboek op (de werken van) Jacob Campo Weyerman’
- Adèle Nieuweboer, ‘Weyerman en gelegenheidswerk’
- Machteld Bouman, ‘Spelen met de dood – III. Schertsbegrafenissen in de achttiende eeuw’
- Everhard Hofland, ‘Prijzen van boeken van Weyerman in de Naam-lyst van Ferwerda’
MedJCW 15 (1992) 1
- Paul J. Smith, ‘Doedijns’ Haegse Mercurius en Rabelais’
- Jan Parmentier, ‘Jacob Campo aan de Reie. Weyerman werk bij Brugse bibliofielen tijdens de tweede helft van de achttiende eeuw’
- Gérardine Maréchal, ‘De dokter voor de liefde’
- Frans Wetzels, ‘Vasari in een vertaling van Weyerman’
- Barbara Sierman, ‘Exotica bij Weyerman’
- Adèle Nieuweboer, ‘Huwelijkscouranten: een attractief mini-genre’
MedJCW 14 (1991) 3
- J.W. Niemeijer, ‘Beschouwingen over Weyermans portret door Cornelis Troost’
- André Hanou, ‘Iets over de auteur(s) van de Janus (1787) en de Janus verrezen (1795-1798) – deel 2′
- Barbara Sierman, ‘De vrouwelijke opsmuk’
- Riet Hoogma, ‘Campo en de computer’
MedJCW 14 (1991) 2
- Karel Bostoen, ‘De vochtige universiteit. Weyerman in het ‘Leiderdorp’ Fonteintje’
- Jan Parmentier, ‘Weyermans werk in de aanbieding bij de Brugse drukker Joseph de Busscher (1774-1777)’
- André Hanou, ‘Iets over de auteur(s) van de Janus (1787) en de Janus verrezen (1795-1798) – deel 1′
- Adèle Nieuweboer, ‘Gelaagdheid in de satirische structuur van de tijdschriften van Weyerman, gedemonstreerd aan De naakte Waarheyt‘
MedJCW 14 (1991) 1
- Christiane Berkvens-Stevelinck, ‘“Ik voltizeer als een pikeur”. Jacob Campo Weyerman en de Franse réfugiés’
- Gérardine Maréchal, ‘Erotica bij Weyerman’
- Henk de Kooker, ‘”Met de eige hand van den Autheur geschreven”. Weyerman-autografen in de Naamlyst van een uitmuntende fraaije verzameling van gebonden tooneelspeelen, 1772′
- Peter Altena, ‘Jean Paul en Weyerman’
- Jan Bruggeman, ‘De datering van Lyste van Rariteiten‘
MedJCW 13 (1990) 3
- Jos Leenes, ‘Jacob Campo Weyermans vertaling uit het Engels van de criminele biografie van kolonel Francis Charteris: een genreverkenning’
- Marco de Niet, ‘De neergang van een voordrachtskunstenaar. Over Arend Fokke Simonsz (1755-1812)’
- Frans Wetzels, ‘Ferdinand van Kessel en Nicolaus van Milst’
- Machteld Bouman, ‘Spelen met de dood – II. Schertsbegrafenissen in de achttiende eeuw’
MedJCW 13 (1990) 2
- Chris Heesakkers, ‘Svperet qvae saecvla massa. Een massief dat de eeuwen kan trotseren. Rond het Rotterdamse standbeeld van Erasmus en de Leidse uitgave van zijn verzamelde werken’
- Barbara Sierman, ‘Een voorbeeld van aemulatio in Den Amsterdamschen Hermes‘
MedJCW 13 (1990) 1
- Theresia Koelewijn, ‘Een mager boek doorspekt met het vet van andere schrijvers. Robert Burtons The Anatomy of Melancholy als bron van Vermakelyk Wagen-praatje van Jacob Campo Weyerman’
- Adèle Nieuweboer, ‘De Laplandse Tovertrommel, of het verhaal van een mislukking?’
- Gérardine Maréchal, ‘Jacob, Piet en Jan’
MedJCW 12 (1989) 3
- Karel Bostoen, ‘Johannes Onderzoeker en Bernardus Weetgraag. Het aan Weyerman toegeschreven pamflet tegen de vrijmetselarij nader “ontmomd”‘
- Jeroen van Heemskerck Dücker, ‘De “Pottebakkers Huur-Galey” van Frans van Oort’
- Paul J. Smith, ‘Rabelais-ontleningen bij Simon van Leeuwen S.J.Z.’
- Machteld Bouman, ‘Spelen met de dood – I. Schertsbegrafenissen in de 18de eeuw’
MedJCW 12 (1989) 2
- Ton Broos, ‘Leidsche schilders beschreven. Het leven van de Leidse kunstenaars volgens Jacob Campo Weyerman’
- Frans Wetzels, ‘De Apokrijfe Schilder Jacobus van Bastrooij’
- Karel Bostoen, ‘Weyerman en de Zuidelijke Nederlanden’
MedJCW 12 (1989) 1
- Lykle de Vries, ‘Jacob Campo Weyerman und Johan von Gool’
- Susanne Lammers, ‘De aardigheden van Rabelais in de leugenboeken van Anna Folie’
- Riet Hoogma, ‘Schimpschriften en gestempelde penningen. Over de voorrede bij de Amsterdamsche Hermes‘
- Gérardine Maréchal en Barbara Sierman, ‘Weyerman en Amsterdam’
- Fons van Tuyl, ‘Zielverhuizing. Een “cryptogram” van H.K. Poot’
MedJCW 11 (1988) 3
- Karel Degryse, ‘De Brugse drukker Jacob Bernaerts (1657-1706)’
- André Hanou, ‘Literaire euthanasie. Het sterven der schilders in Weyermans Levensbeschryvingen der konstschilders‘
- Peter Altena, ‘Geïndiceert. Jacob Campo Weyerman voor Rotterdam verboden’
- Esterella de Roo, ‘Weyerman-advertenties in de periode 1720-1745′
- André Hanou, ‘Shakespeariana’
MedJCW 11 (1988) 2
- Jeroen van Heemskerck Dücker en Peter Altena, ‘Weyerman en Brugge’
- André Hanou, ‘De ondergang van Pieter Poeraet (1684-..), dominee-dichter’
- Gérardine Maréchal, ‘Weyerman in/op de markt’
MedJCW 11 (1988) 1
- Frank van Lamoen, ‘Hermes en hermetica’
- Karel Bostoen, ‘De student Jacobus Weijermans in Doelestraat en Heerensteeg’
- Riet Hoogma, ‘Enkele motto’s in de Amsterdamsche Hermes‘
- Annemieke van Dam, ‘Een huwelyk van gewisse tusschen Minerva en Eskulaap. De boekverkoper als kwakzalver’
- Signaleringen met onder meer: Peter Altena, ‘Pas op, oh la la’; ‘ Weyerman – van der Heyden’; ‘Weyerman-Vianen’; Karel Bostoen, ‘Weyerman over Zeeus’; boekbespreking van André Hanou over Levensbeschrijving en bekering van Anna Katharina Merks. Een getrouw verhaal van al hetgeen met haar is voorgevallen in de gevangenis vanaf 5 juli 1763 tot op de 19e van die maand, toen zij door de Justitie te Rotterdam is terechtgesteld
MedJCW 10 (1987) 3
- Hella Haasse, ‘Vernuft en Venijn (iets over satire in de achttiende eeuw)’
- Peter Altena, ‘Doldriftiger Monster verscheen ons noit aan de Maze’. Jacob Campo Weyerman en Rotterdam’
- Boekbesprekingen: André Hanou over J.W. van Sante (ed.), Het dagverhaal van Aafje Gijsen 1773-1775; over Dick Wortel (ed.), Zyt ghy oock een meyt? Dertien liedjes over meisjes loos; over A. Doedens (ed.), Het dagboek van Sit Matthew Decker; over James L. Schorr (ed.), Justus van Effen, Le Misanthrope
- Signaleringen met: André Hanou, ‘Utrechts verkooppunt’; ‘Hofrust’; Frank Peeters, ‘De Reus Kakus’; ‘Weyerman op het Feschtival’; Weyerman en Rotterdam’; Gerardine Maréchal, ‘Weyerman damt’; Frans Wetzels, ‘Weyerman bij een Bredase boekbinder in 1735′; ‘Het verlokkend ooft’
MedJCW 10 (1987) 2
- Elly Groenenboom-Draai, ‘Hermes in huis bij Maasgodt en Rotha’
- M. d’Hane-Scheltema, ‘Een kleine kennismaking met een eerlijk satiricus’
- Jos Leenes, ‘Een dronken tor in Rotterdam, of wie zijn neus schendt…. Weyerman en Jan van Hoogstraten’
- André Hanou, ‘Damt Weyerman?’
- Signaleringen met: Gerardine Maréchal, ‘Luis in de pels: lustrum in de pers’; André Hanou, ‘Vrijmetselarij: Weyerman of Huygens?’; Peter Altena, ‘Hermanus van den Burg’; en Peter Altena, ‘Hennebo-biografie?’
MedJCW 10 (1987) 1
- Dick Wortel, ‘Bij het tweede lustrum van de Stichting JCW’
- A.W. Willemsen, ‘Welkomstwoord bij de opening van de tentoonstelling De satiricus Jacob Campo Weyerman (1677-1747). De luis in de pels van de Verlichting. Koninklijke Bibliotheek, 15 januari 1987′
- André Hanou, ‘Rede bij de opening op 16 januari 1987, in de Koninklijke Bibliotheek ‘s-Gravenhage, van de tentoonstelling De satiricus Jacob Campo Weyerman (1677-1747). De luis in de pels van de Verlichting‘
- Dick Wortel, ‘Een wandeling langs de tentoonstelling’
- Peter Altena, ‘Wie is Frans Waanwys!’
- André Hanou, ‘Abcoudiana’
- Boekbesprekingen met Willem Hendrikx over Een hel vol weelde; over Gerrit Komrij, De Nederlandse poëzie van de 17e en 18e eeuw in 1000 en enige gedichten; en Frank van Lamoen over Arno van der Plank (ed.), Nieuws tyding uit de andre waereld, of samenspraak tusschen den beroemden schilder en schryver Jacob Campo Weyerman en den beruchten doctor en astrologist Ludeman.
- Signaleringen met: Jos Leenes, ‘Weyerman, een kletsmajoor van de jewelste’; en Peter Altena, ‘Weyerman en het antisemitisme’
MedJCW 9 (1986) 3
- Ton Broos, ‘The London spy in Holland, of een Nederlandse spion in London. Jacob Campo Weyerman en zijn vertalingen van Ned Ward’
- Peter Altena, ‘Poeraet tegen Weyerman en Weyerman tegen Poeraet’
- Pieter Poeraet, ‘Jakoopedooleimooniandralektryofoonia’
- Signaleringen met onder andere ‘Weyerman en de column’; ‘Komrij en Weyerman’; Jos Leenes, ‘Weyerman, the killer’; Rectificatie; ‘Publicaties van en over Jacob Campo Weyerman die op dit moment verkrijgbaar zijn’; ‘Te verschijnen in 1987′
MedJCW 9 (1986) 2
- Thomas Matthey, ‘Enkele bibliografische kanttekeningen bij het toneelwerk van J.C. Weyerman’
- Willem Hendrikx, ‘Weyerman in Abcoude’
- Peter Altena, ‘Weyerman en “het hersselooze boek van juffrou Hoogentoorn”‘
- Gerardine Maréchal, ‘JCW drooggelegd’
- Peter Altena, ‘Een pamflet van Weyerman over de windhandel. Project van eene Wint-assurantie-Compagnie‘
- ‘Belangrijke mededelingen in verband met de jaarvergadering en het lustrum’
MedJCW 9 (1986) 1
- Thomas Matthey, ‘Weyerman-edities in Boekarest’
- F.J.A. Jagtenberg, ‘Weyerman, de eerste Swift-vertaler’
- Rietje van Vliet, ‘”De gelukzalige tyden der voorzaten, de eeuw van Doudyns beleefden”. Hendrik Doudijns en Jacob Campo Weyerman’
- Karel Bostoen, ‘Weyerman en de muziek’
- Signaleringen
MedJCW 8 (1985) 3
- Willem Hendrikx, ‘Hoe heeft het zo ver met Jacob Campo Weyerman kunnen komen? Inleidend overzicht van het leven van Jacob Campo Weyerman’
- R. Huijbrecht, ‘Jacob Campo Weyerman en het Hof van Holland’
- Karel Bostoen, ‘Iets over de waardering van Weyerman en zijn werk’
- Frank Peeters, ‘Weyerman en de Keurdigten‘
- Frans Wetzels, ‘Aantekeningen bij de “Drie Palameszen”‘
- Willem Hendrikx, ‘Verwijzingen naar Jacob Campo Weyerman in het systeem “Hofstede de Groot”‘
- Signaleringen
MedJCW 8 (1985) 2
- Willem Hendrikx, ‘Jacob Campo Weyerman en Den Haag’
- Jan Bruggeman, ‘Jacob Campo Weyerman in conflict met twee Haagse boekverkopers’
- Frank van Lamoen, ‘Willem van Swaanenburg: halfmalle scribbelaar’
- Elly Groenenboom-Draai, ‘Enige problemen rond de Rotterdamsche Hermes‘
- Frans Wetzels, ‘Drie Palameszen in JCW’s Levensbeschryvingen‘
- André Hanou, recensie Vermakelijk wagenpraatje
- Signaleringen
MedJCW 8 (1985) 1
- A. Koenhein, ‘Den voorloper van de Kronyk der Bankroitiers. Enige aantekeningen over Viaanse personen en situaties, voorkomende in Weyermans werken’
- Karel Bostoen, ‘De satire als “ineetend vocht”. Enkele opmerkingen naar aanleiding van de nieuwe uitgave van Weyermans Baron van Syberg‘
- André Hanou, R. Meijer en Reinder Storm, ‘De “kleinzoon” van Campo: Nicolaas Hoefnagel’
- A. Koenhein, ‘Weyerman als vertaler in overheidsdienst’
- Jos Leenes, ‘Simon van Leeuwens vergeefse strijd tegen Den Vrolyke Tuchtheer‘
- Signaleringen
MedJCW 7 (1984) 3
- Margaret C. Jacob, ‘The crises of the European mind: Hazard revisited’
- Frank van Lamoen, ‘De onbekende heldenzang voor Cornelis Schrijver’
- Marijke Gijswijt-Hofstra, ‘Beeld en praktijk van de asielverlening in Culemborg en Vianen’
- Elly Groenenboom-Draai, ‘Weyerman in Berlijn’
- Jan Bruggeman, ‘Den Echo des weerelds als bronvermelding’
- Signaleringen
MedJCW 7 (1984) 2
- André Hanou, ‘”Vyanens Alverdriet”. Jacob Campo Weyerman’
- A. Koenhein, ‘”Den Kluizenaar van de Lek”. Enige aantekeningen over Viaanse personen en situaties, voorkomende in Weyermans werken’
- Karel Bostoen, ‘De Geleerde Wereld en het Niets’
- Adèle Nieuweboer, ‘Weyerman en de Satire’
- André Hanou, ‘Schreiner’
- Jos Leenes, ‘Weyerman op de radio’
MedJCW 7 (1984) 1
- Frans Wetzels, ‘De Bredase kladschilder Kuningham in het werk van J.C. Weyerman’
- Adèle Nieuweboer, ‘Een nieuwe ader Brits erts aangeboord; The Tatler revisited’
- Jan Bruggeman, ‘Jacob Campo Weyerman inventor van een onbekende heldenzang’
- Willem Hendrikx, ‘JCW en Het oog in ‘t zeil‘
- Peter Altena, ‘De Rotterdamsche Hermes: Actualiteit of eeuwig leven?’
- Dick Wortel, ‘Weyerman en het Woordenboek’
- Signaleringen met: Jozef Smeijers, ‘Gent 1787′; Eric de Blauw, ‘JCW als bloemschilder’; Peter Altena, ‘Jan van Gool versus JCW’
MedJCW 6 (1983) 3
- mej. I.H. van Eeghen, ‘Jacob Campo Weyerman en de boekhandel’
- Peter Altena en Marijke Gijswijt-Hofstra, ‘Weyerman in Vianen: zijn vrijgeleide in 1731′
- Willem Hendrikx, ‘Inleiding Expeditie Breda’
- J.M.F. IJsseling, ‘Ferdinand van Kessel, leermeester van Weyerman?’
- Signaleringen: met Adèle Nieuweboer, ‘Van Effen, de kunsthandel en Weyerman’, Jan van Heugten, ‘Reclame voor Weyerman II’, André Hanou, ‘Het Oog in ‘t zeil‘, Eric de Blauw, ‘Feith en Weyerman’ en Jan Bruggeman, ‘Verkoopadvertentie Meer en Hoef’
MedJCW 6 (1983) 2
- Rob Tempelaars, ‘Jacob Campo Weyerman contra de Bredase kamer Het Vreugdendal. Enige toelichtingen bij Weyerman-citaten over een rederijkerskamer in verval’
- Willem Hendrikx, ‘Jacob Campo Weyerman en enige kunstkopers uit Breda en omgeving’
- Jan de Vet, ‘Annotatie bij de Rotterdamsche Hermes no. 8′
- Adèle Nieuweboer, ‘Annotatie bij de Rotterdamsche Hermes no. 2′
MedJCW 6 (1983) 1
- Jan de Vet, ‘Weyerman en zijn Kartuizer’
- Karel Bostoen, ‘Literaire voorkeuren van Weyerman in de Rotterdamsche Hermes’
- Barbara Sierman, ‘JCW-exemplaren in de Mededelingen’
- Peter Altena, ‘De wereld van Jacob Bart volgens Jacob Campo Weyerman’
- Adèle Nieuweboer, ‘De Babbelaar, of een ontdekte goudmijn’
- Eric de Blauw, ‘Annotatie Rotterdamsche Hermes no. 1′
- Frans Wetzels, ‘Annotatie Rotterdamsche Hermes no. 3′
- Signaleringen: met Jan van Heugten, ‘Reclame voor Weyerman I‘ en Barbara Sierman, ‘JCW in handboeken’
MedJCW 5 (1982) nrs 45, 44 en 43
- André Hanou, ‘Annotatie bij de Rotterdamsche Hermes no 4′
- Karel Bostoen, ‘Annotatie bij de Rotterdamsche Hermes no 9′
- André Hanou, ‘Drie Jonson-bewerkingen’
- Peter Altena, ‘Antwerpen-documentatie II’
- Frans Wetzels, ‘De drie testamenten van Catharina Snep’
- Peter Altena, ‘Antwerpen-documentatie I’
- Marcel Kok, ‘J.C.W. en Den verrezen cartouche’
- Frans Wetzels, ‘Campo’s moeder in 1682 / 83 III’
- Willem Hendrikx, ‘De vette jaren van Weyerman in Breukelen’
- Adèle Nieuweboer, ‘Weyermanniana ter UBA’
- Peter Altena, ‘Over Hogerwaard’
- Willem Hendrikx, ‘Weyerman en de Bredase kamer Vreugdendal. De waarheid en niets dan de waarheid!’
- Peter Altena, ‘Minima, Van Goens en Weyerman’
- Erik de Blauw, ‘”Droomgezicht of eene waakheit”. Varianten van inleiding en vermomming en versluiering van vage en vaak verzonnen verhalen’
- Peter Altena, ‘De Rotterdamsche Hermes in het land der kikvorsen’
- Adèle Nieuweboer, ‘Kunst en handel’
- Barbara Sierman, ‘Weyerman en Don Quichot’
- Adèle Nieuweboer, ‘JCW en Amerique (II)’
MedJCW 4 (1981) nrs 35 t/m 42
- Willem Hendrikx, ‘”Den om-alles-lachenden Democriet van Abdera”. JCW in Bredase karnavals-blaadjes’
- Peter Altena, ‘Advertenties in De Hollantsche Historische Courant‘
- André Hanou, ‘Beschouwing van den nieuwen Hermes / Misverstant’
- André Hanou, ‘Aenmerkingen over den opgeworpen Hermes’
- Gerardine Maréchal, ‘Jacob Campo Weyerman’s wagenpraatje’
- Bij de lezing van mevrouw G. Marechal Door haarzelf.
- Ton Broos, ‘Aarnout Drost en Weyerman in “Het altaarstuk” en “De augustusdagen”‘
- André Hanou, ‘Een navolging van de Tatler in de Rotterdamsche Hermes’
- Adèle Nieuweboer, ‘Het spookt te Brussel’
- Erik de Blauw, ‘Hoe Weijerman geld doet spreken’
- Barbara Sierman, ‘JCW in de Gevangenpoort’
- Peter Altena en Barbara Sierman, ‘Weyerman en ‘s Hertogenbosch’
MedJCW 3 (1980) nrs 23 t/m 34
- Lou Spronck, ‘Werken JCW in Stadsbibliotheek Maastricht’
- Gerardine T.H.M. Maréchal, ‘Kersteman besproken In de Boekzaal der heeren en dames, 1763, dl. II, p. 49′
- D.J.H. ter Horst, ‘Merkwaardige sollicitatiebrief uit de 18e eeuw (In: De Navorscher 83 (1934)), p. 1-5′
- Erik de Blauw, ‘JCW en WNT’
- Ton Broos, ‘Diversa sed una: niet een’
- Hieke Smits-Veldt, ‘Weyermaniana Cohen Jehoram’
- Gerardine Maréchal, ‘JCW in Kaapstad, Suid-Afrika’
- Gerardine Maréchal, ‘JCW in de bibliotheek van de Rijksuniversiteit te Groningen’
- D.J.H. ter Horst, ‘De geschriften van Jacob Campo Weyerman. Een bibliografische herziening. (In: Het Boek 28 (1944-46) p. 227-240)’
- Barbara Sierman, ‘Een luimig karakter’
- André Hanou, ‘Nogmaals Castle Howard’
- Dick Wortel, ‘Nogmaals het WNT’
- Wiesje Backer, ‘Nieuwe Amsterdamschen Hermes‘
- Gerardine Maréchal, ‘Campo als voorbeeld voor Lynceus’
- André Hanou, ‘De bastaard/pruikemaker te Delft’
- Barbara Sierman, ‘Laroon, Johnson, Penkethman, Lady Mary’
- Adèle Nieuweboer, ‘Het Brusselse handschrift’
- Frans Wetzels, ‘Campo’s moeder in 1682/83 I’
- Erik de Blauw, ‘Een drietal korte observaties bij werk van Weijerman’
- Barbara Sierman, ‘Bezit GA Gouda’
- Frans Wetzels, ‘Campo’s moeder in 1682/83 II’
- Gerardine Maréchal, ‘JCW in het Rijksprentenkabinet te Amsterdam’
- André Hanou, ‘De slapende philosoof’
- Peter Altena, ‘Werk van Weyerman in Nijmegen’
- Michel Uyen, ‘Werk van Weyerman in Nancy: Zéro’
- Willem Hendrikx, ‘JCW-bezit gemeente-archief Breda’
- C.M. Geerars, ‘De vrijdenkerij in de journalistieke werken van Jacob Campo Weyerman In: Tijdschrift voor de studie van de Verlichting, 3 (1975) nr. 1′ + vervolg + vervolg
- Willem Hendrikx, ‘JCW’s lusthof buiten Delft’
- Karel Bostoen, ‘Weyerman en de Catalogus Flanderin’
- J.Z. Kannegieter, ‘De auteur ontdekt’ (overgenomen uit: Historia. Maandschrift voor geschiedenis en kunstgeschiedenis 11 (1946))
- André Hanou, ‘Mijn vadertje, hij was rechtvaardigied’: Enkele nieuwe gegevens over Campo’s vader’
- Willem Hendrikx, ‘JCW in de Kinkerstraat’
- Ed Olijkan, ‘De goudmaker in ‘t nauw (met een portret van Syberg)’
- Erik de Blauw, ‘Archief stichting Jacob Campo Weijerman. Mededeling’
- Barbara Sierman / Gerardine Maréchal, ‘JCW in Fryslan’
- Ed Olijkan, ‘Weyermanniana in het naam-register van H. de Wit [1768]‘ + ‘Aanvulling’
- Barbara Sierman, ‘Géén speelhuis van JCW bij Delft?’
- André Hanou, ‘Gerth Schreiner’
- Marcel Kok, ‘Voorzet voor Den Bosch’
- Peter Altena, ‘Zeven drukken van de kersteman-biogramie?’
- André Hanou, ‘Buzz’
- C.M. Geerars, ‘Jacob Campo Weyerman (1677-1747)’
MedJCW 2 (1979) nrs 11 t/m 22
- Gerardine Maréchal, ‘JCW in British Museum’
- S[am.] Kalff, ‘Een libelschrijver uit de XVIIde eeuw, In: Oud-Hollandsche karakters. Rhenen 1905′
- André Hanou, ‘Ex. konstschilders’
- Ben Broos, ‘JCW en de “Honing van de smaakelyke leevensbeschryving eens konstschilders”’
- André Hanou, ‘”Pand metter minne van drie stukjes schildery”‘
- Bernd Luger, ‘Nog een minnares van Weyerman [en andere observaties]‘ (incl. reactie André Hanou op de minnares van Weyerman)
- Nik P. de Vries, ‘Werken van Weyerman in de bibliotheek van het Provinciaal Genootschap Noord-Brabant te ‘s-Hertogenbosch’
- Adèle Nieuwenboer, ‘Voorraad van een boekhandel’
- Adèle Nieuweboer, ‘Diversen JCW’
- Barbara Sierman, ‘Recensie Konstschilders; Oog in het zeil‘
- Erik de Blauw, ‘Een kort verhaal van Jacob C. Weijerman’
- Erik de Blauw, ‘Het vroegste werk van Jacob Campo Weijerman ontdekt?’
- A. Blankert, ‘Daniel van Beke, schout, schilder en dichter (In: Oud-Holland 82 (1967) p. 242-247)’
- Erik de Blauw, ‘Poezie van Weijerman in bloemlezing’
- Erik de Blauw, ‘Opmerkingen over Weijerman in Kalff’s handboek’
- W. Buddingh’
- C. Kruyskamp, ‘Enkele aantekeningen betreffende Weyerman’
- André Hanou, ‘Een bruiloftsdicht’
- Loes Snelders, A.B.A. Monna, ‘JCW-iana in de Universiteitsbibliotheek Utrecht’
- ‘Den wandelende Jood I’
- ‘De wandelende Jood II’
- ‘De wandelende Jood III’
- Geraldine Maréchal, ‘JCW als smaakmaker in een laat 18e-eeuws gerecht’
- Erik de Blauw, ‘Jacob Campo Weijermans vertaling van Don Quichot‘
- Frank Peeters, ‘Oeuvre JCW in de Bibliothèque Nationale, Parijs’
- Marja Geesink, ‘Werken van Weyerman in de Stadsbibliotheek te Haarlem’
- Erik de Blauw, André Hanou, Adèle Nieuweboer, ‘Göttingen en Kassel: JCW-bezit’
- Ellen du Maine, ‘G.J. Rehm over JCW’
- Ton Broos, ‘Jacob Campo Weyerman en Castle Howard’
- Adele Nieuweboer, ‘JCW – varia’
- A. Hallema, ‘Een Bredasche journalist uit de 18de eeuw Uit: Historia, 12 (1947), p. 139-141′
- Adèle Nieuweboer, ‘JCW en Amérique’
- Erik de Blauw, André Hanou, Gerardine Maréchal, Adèle Nieuweboer, ‘Nieuwe schrifturen en handschriften van JCW alsmede andere curiosa, ontmoet tijdens een reize door Uilenspiegelland’
- Karel Bostoen, ‘Weyermanniana te Wolfenbuttel?’
- Ton Broos, ‘Campo Micro: Que bello’
MedJCW 1 (1978) nrs 1 t/m 10
- A.J. Hanou, ‘Weyermanniana in de auctiecatalogus-Dierkens (1761)’
- B. Sierman, ‘Vreugdegejuych; een brief aan de haas’
- T. Broos, ‘Een negentiende-eeuwse opinie over Weyerman’
- H.M. de Blauw, ‘Illustraties bij de werken van Weijerman’
- H.M. de Blauw, ‘De geboorteplaats van Jacob Campo Weyerman. Een vluchtig onderzoekje’
- A.J. Hanou, ‘Weyermans Schoone dwaalstar’
- T. Broos, ‘Opgave van het werk van JCW volgens de centrale catalogus van de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag’
- A.J. Hanou, ‘Werken van JCW in de Stadsbibliotheek Antwerpen’
- Ton Broos, ‘Is. van Eeghen over figuren en plaatsen in JCW’s tijdschriften’
- A.J. Hanou, ‘Een naïeve Weyerman’
- B. Sierman, ‘Mollshoop’
- B. Sierman, ‘Fanclub 18e eeuw’
- B. Sierman, ‘Doodsklok’
- A.J. Hanou, ‘De boeken tegen de naamloze zonde’
- Erik de Blauw, ‘Ontleeder… ontleeding… ontleed’
- Jan Vleugels, ‘JCW in het buitenland I’
- Adèle Nieuweboer, ‘JCW over zichzelf als “konst-schilder”‘
- Nol Sanders, ‘Een naïve Weyerman [II]‘
- Adèle Nieuweboer, ‘JCW bij de vereniging met de lange naam’
- Vervolg van de autobiografie in Konstschilders IV
- Barbara Sierman, ‘Werken van JCW in het GA Den Haag’
- André Hanou, ‘Een puik fruitstuk en andere aan de prullemand onttrokken gegevens’
- ‘Slot van de autobiografie-JCW in de Levens der konstschilders’
- Jan Vleugels, ‘JCW in het buitenland II: Oeuvre van/over JCW in de universiteitsbiliotheek Gent’
- A.A. Sanders, ‘Een naïeve Weyerman [III]‘
- Riekje de Haan, ‘Opvattingen van JCW over journalistiek in de periode 1720-1730′
- ‘Rijksmuseum’
- ‘Periodical Post Boy Reviv’d’
- Camiel Hamans, ‘Ex. Konstschilders’
- Barbara Sierman, ‘De chimist der zotheden‘
- Chimist der zotheden
- Ton Broos, ‘In en uit de bibliotheek van D.J.H. ter Horst’
- Peter de Jonge, ‘Van Gool over JCW’
- Ellen du Maine, ‘Stijl en Witsen Geysbeek over JCW’
- André Hanou, ‘Onterfd van f 8000 of Een minnares(?) van JCW: Adriana Simons-de Visser’
- Dick Wortel, ‘JCW in de bibliotheek van het WNT’
- Pim van Oostrum, ‘Jacob Campo Weijerman en de hooge militaire vierschaar in ‘s-Gravenhage in 1701′
- Barbara Sierman, ‘Werken van Weyerman in de Universiteitsbibliotheek Leiden’
- Nik P. de Vries, ‘Een Vlaming over Jacob Campo Weyerman’
- J. Smeyers, ‘De la Fontaine; Borms’
- Ton Broos, ‘Ik, Godfrey Kneller’
- L.R. Pol, ‘Het oog in ‘t zeil [...]: werk van Weyerman?’
- H.M. de Blauw, ‘Weijerman en de geschiedenis van de politie’



























